Blauwe waterstof effent weg voor groene variant - Utilities
achtergrond

Blauwe waterstof effent weg voor groene variant

Publicatie

18 jul 2019

Categorie

Utilities

Soort

achtergrond

Tags

blauwe waterstof, groene waterstof

De waterstofvisie van de Rotterdamse haven is een tweetrapsraket die de waterstofeconomie moet versnellen. Als eerste willen de zestien partijen in het H-vision consortium twee grootschalige blauwe waterstoffabrieken bouwen. Dat moet uiteindelijk de weg effenen naar groene waterstof. Daarmee zouden duurzame alternatieven ontstaan voor zowel de raffinaderijen van Shell en BP als de kolencentrales van Uniper en Engie. Om de CO-uitstoot in 2030 terug te dringen met 49 procent ten opzichte van 1990 moet de industrie alle emissieloze technieken inzetten.  Het voorstel Klimaatakkoord dat minister Erik Wiebes van Economische Zaken en Klimaat onlangs presenteerde gaf daarom ruimte voor waterstof en CO2 capture and storage (CCS). Twee voorwaarden die cruciaal zijn voor het slagen van het plan van H-vision voor blauwe waterstof. Autothermische reforming De haalbaarheidsstudie die H-Vision begin juli presenteerde, vloeide voort uit onderzoek dat TNO eerder uitvoerde naar blauwe waterstof. TNO constateerde dat het via autothermische reforming (ATR) technisch mogelijk was waterstof te maken uit aardgas. Hoewel de kwaliteit van de uit dit proces gevormde waterstof niet voldoende is voor gebruik in brandstofcellen, kan het gas wel hogetemperatuurwarmte opwekken. Ook chemische processen zijn wat vergevingsgezinder voor waterstofkwaliteit. Het gas uit het ATR-proces bestaat nog altijd voor negentig procent uit waterstof en tien procent uit andere gassen. Bovendien blijft er een zeer zuivere CO2-stroom over, die kan worden opgeslagen of wellicht benut als grondstof. Eerdere onderzoeken hadden al aangetoond dat het economisch interessanter is om eerst CO2 af te vangen en waterstof te verbranden (pre combustion) dan methaan te verbranden en de CO2 aan de schoorsteen weg te wassen (post combustion). 1920 megawatt In de referentievariant die Projectleider van H-vision Jaap Hoogcarspel presenteerde, gaat het consortium uit van een maximale waterstofvraag van de industrie en elektriciteitssector van iets meer dan 3200 megawatt. Om aan die vraag te voldoen zouden twee waterstofproductie-units van ieder 1460 megawatt nodig zijn. De kosten daarvan schatten de samenstellers van de haalbaarheidsstudie op 1,3 miljard euro. Daarnaast zijn nog investeringen nodig in infrastructuur, aanpassingen aan compressores, waterstofturibines en ovens. Met die kosten meegerekend, komt de totale investering op ongeveer twee miljard euro. Afgezet tegen de CO2-reductie...

Voor leden

Lees gratis verder.

Wachtwoord vergeten

Alles lezen?

Abonneer nu en krijg toegang tot:

  • Alle verschenen artikelen van Utilities
  • Bladerbare versies van het blad Utilities
  • Projectendatabase
Aanmelden
Bron: Utilities