Blijft de zon nog schijnen voor de salderingsregeling? - Utilities
nieuws

Blijft de zon nog schijnen voor de salderingsregeling?

Publicatie

27 feb 2017

Auteur

Sophie Dingenen

Categorie

Utilities

Soort

nieuws

Tags

De aankondiging van minister Kamp in 2013 om de salderingsregeling voor kleinverbruikers in 2017 te evalueren en mogelijk te herzien heeft tot veel onzekerheid geleid bij potentiële investeerders in duurzame energie. Tegen alle verwachtingen in startte de minister de evaluatie van de salderingsregeling al in oktober 2016, met als doel de onnodige onzekerheid weg te nemen. Beoogd werd meer duidelijkheid te verschaffen over de toekomst van investeringen in duurzame energie, maar of dit ook het geval is, is nog maar de vraag.

Sophie Dingenen, Margot Besseling en Sharon van de Kerkhof, Bird & Bird LLP

 

De salderingsregeling is sinds 2004 opgenomen in artikel 31c van de Elektriciteitswet 1998 en de Wet belastingen op milieugrondslag. Artikel 31c Elektriciteitswet vormt de basis voor de salderingsregeling voor kleinverbruikers, de verbruikers met een aansluiting tot maximaal drie maal tachtig Ampère.

De regeling werkt als volgt. De kleinverbruiker wekt op een duurzame wijze, veelal met behulp van zonnepanelen, elektriciteit op. Ongeveer dertig procent van deze elektriciteit gebruikt de kleinverbruiker zelf in zijn huishouden of bedrijf. Het overschot levert hij terug aan het net. Achteraf stelt de energieleverancier het verbruik van de kleinverbruiker vast door de van het net opgenomen elektriciteit te verminderen met de op het net terug geleverde elektriciteit. De kleinverbruiker krijgt een terugleververgoeding uitgekeerd indien de levering aan het net groter is dan het verbruik van het huishouden of de onderneming. Dat proces heet salderen.

Het salderen is enkel van toepassing op het variabele deel van de energierekening. Door te salderen wordt het variabele deel van de kosten gekort. Het variabele deel bestaat uit vier elementen: de leveringsprijs, btw, Opslag Duurzame Energie (ODE) en energiebelasting per afgenomen kilowattuur. Zowel de ODE als de energiebelasting worden gestaffeld geheven, waardoor minder belasting en opslagkosten zijn verschuldigd naarmate het verbruik toeneemt. De voordelen van de salderingsregeling zullen zodoende voor een grote onderneming met een hoog energieverbruik minder zijn dan de voordelen voor een klein huishouden omdat de te salderen belasting en opslag minder is naarmate het elektriciteitsverbruik toeneemt.

Sterke groei

De evaluatie De historische impact van salderen, uitgevoerd door onderzoeksbureau PwC in opdracht van de minister van Economische Zaken Kamp, heeft tot de volgende resultaten geleid. De meest voorkomende opwekmethode van duurzame elektriciteit achter de meter is zon-PV. Maar liefst zeventig procent van het opgestelde vermogen is residentieel, ofwel geplaatst op een dak van een huishouden of MKB. Deze verdeling komt mede voort uit het te behalen voordeel voor huishoudens en het MKB. Een huishouden bespaart ongeveer 22,7 cent, een bedrijf dat boven de 10.000 kilowattuur verbruikt bespaart 12 cent en voor een bedrijf dat meer dan 50.000 kilowattuur afneemt is de besparing circa €8ct per kWh. Bovendien heeft de salderingsregeling ertoe geleid dat de terugverdientijd voor particulieren in 2015 is gehalveerd van 14 jaar tot 7 jaar. Voor het MKB heeft de regeling geleid tot een afname van de terugverdientijd van 17 jaar naar 10 jaar. Dat zijn interessante investeringsvoorwaarden.

De capaciteit die door middel van zon-PV wordt opgewekt is sinds 2011 sterk toegenomen, van 95 MWp in 2011 tot 1.251 MWp in 2015. Een gemiddelde groei van maar liefst 91% per jaar. Er zijn verschillende factoren aan te wijzen welke de groei van zon-PV hebben gestimuleerd. Voor het MKB zijn vooral de lage terugverdientijden en een verbetering van het imago ten gevolge van de verduurzaming van het bedrijf belangrijke incentives. Ook nationale en regionale subsidies en regelingen zoals de MIA/Vamil, EIA en SDE+ hebben bijgedragen aan de gestage groei in investeringen in zonnepanelen.

De keerzijde van het salderingsvoordeel zijn de gemiste belastinginkomsten voor de overheid. Kleinverbruikers betalen immers geen energiebelasting, ODE en btw over het elektriciteitsverbruik dat zij mogen salderen. De gederfde belastinginkomsten zijn in 2015 geschat op 77 miljoen euro. Dit is ‘slechts’ 2% van de totale belastinginkomsten uit energiebelasting.

Hoe nu verder?

Onlangs is in de Kamer een motie aangenomen over het continueren of verbeteren van de salderingsregeling om particulieren en bedrijven gedurende de periode van het Energieakkoord (lees: tot 2023) investeringszekerheid te bieden. Minister Kamp heeft op 4 januari 2017 de Kamer geïnformeerd over de bevindingen van de evaluatie uitgevoerd door PwC. De minister deelt de ambitie om groei van decentraal geproduceerde zonne-energie verantwoord door te zetten en te bestendigen. Hoewel de minister een aanpassing van de huidige salderingsregeling niet uitsluit, evenals vervanging door een alternatieve vorm van stimulering in het vervolgproces van de evaluatie, verzekert Kamp dat indien de salderingsregeling wordt aangepast er een goede overgangsregeling zal komen voor burgers en bedrijven die momenteel gebruik maken van de salderingsregeling. In het voorjaar van 2017 zal de minister zijn besluit over de vormgeving van een mogelijk nieuwe regeling ter stimulering van lokale hernieuwbare energie met ingang van 2020 presenteren. De vraag dan zal zijn of het Energieakkoord werkelijk de beoogde investeringszekerheid biedt of dat het een wassen neus is.

Bron: Bird&Bird

Wellicht vindt u deze artikelen ook interessant

Schrijft u in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.