BASF Archieven - Utilities

Chemieconcern BASF wil tegen 2050 CO2-neutraal zijn. Voor 2030 wil het concern wereldwijd zijn broeikasgasemissies al met 25 procent verminderen ten opzichte van 2018. Dat terwijl de groei doorgaat en BASF momenteel een groot chemisch complex bouwt in Zuid-China. In totaal is BASF van plan om tegen 2025 tot 1 miljard euro te investeren om haar nieuwe klimaatdoelstelling te bereiken en nog eens 2 tot 3 miljard euro tegen 2030. Dat maakte CEO Martin Brudemüller vrijdag bekend. Hij wijst ook meteen een aantal toonaangevende projecten aan. 

In het rijtje van vlaggeschipprojecten wordt Antwerpen specifiek genoemd. Op de Antwerpse locatie is BASF van plan te investeren in een van de grootste projecten voor koolstofafvang en -opslag (CCS) onder de Noordzee. Samen met partners in het Antwerp@C-consortium creëert dit de mogelijkheid om meer dan 1 miljoen ton CO2-emissies per jaar te vermijden bij de productie van basischemicaliën. Een definitieve investeringsbeslissing is gepland voor 2022.

Turquoise waterstof

Ook wil het bedrijf vaart maken met turquoise waterstof. Een emissieloze route om waterstof uit aardgas of biogas te produceren, met koolstof als tweede product. BASF ontwikkelt hiervoor een technologie op basis van methaanpyrolyse. In vergelijking met andere processen voor emissievrije waterstofproductie is voor methaanpyrolyse slechts ongeveer een vijfde van de elektrische energie nodig. In Ludwigshafen is een proefreactor gebouwd die momenteel wordt opgestart.

Elektrische kraker

Onlangs werd bekend dat BASF samen met SABIC en Linde werkt aan een proefoven voor ’s werelds eerste elektrisch verwarmde stoomkraker. In vergelijking met conventionele kraakinstallaties zou dit een bijna CO2-vrije productie van basischemicaliën mogelijk maken. Als de nodige financiering wordt toegekend, is het de bedoeling dat de proeffabriek al in 2023 wordt opgestart.

Grondstof

En ook groene waterstof komt in het rijtje voor. In samenwerking met Siemens Energy onderzoekt BASF momenteel de mogelijkheden voor de bouw van een PEM-waterelektrolyse-installatie met een capaciteit van 50 MW voor de CO2-vrije productie van waterstof uit water en elektriciteit op de locatie Ludwigshafen. Deze CO2-vrije waterstof zou in de eerste plaats worden gebruikt als chemische grondstof, maar zou ook in beperkte mate worden gebruikt ter ondersteuning rijden op waterstof in de metropoolregio Rijn-Neckar.

 

 

Avantium, AkzoNobel, Chemport Europe, RWE en Staatsbosbeheer onderzoeken samen de mogelijkheden om  een nieuwe bioraffinaderij te bouwen op het Chemie Park Delfzijl. De raffinaderij moet gebruik maken van het Zambezi-proces van Avantium. Dat zet op een kosteneffectieve manier houtsnippers om in zuivere glucose en lignine. Na de aanleg van een infrastructuur voor biostoom, dat vandaag officieel in gebruik wordt genomen, is dit de volgende stap in de vergroening van de Eemsdelta.

Na de keuze van Avantium voor Antwerpen en BASF als partner voor de bouw van haar PEF-fabriek, lijkt ze nu dus te kiezen voor een Nederlandse industriecluster en AkzoNobel als grote chemische partner. Al eerder waren  Rotterdam en bijvoorbeeld Chemelot teleurgesteld over de keuze van Avantium voor Antwerpen. Nu vissen beide grote industrieclusters wederom achter het net. Ook de haven van Amsterdam was zeer geïnteresseerd.

De bioraffinaderij krijgt verschillende productstromen. Zuivere glucose, verschillende andere suikers en lignine. Grondstoffen voor de chemie, voedingsmiddelenindustrie en brandstof voor de omzetting naar elektriciteit. De belangrijkste grondstof van de nieuwe fabriek zijn houtsnippers die lokaal worden verkregen. De toevoer daarvan wordt gecoördineerd door Staatsbosbeheer.

Testperiode

De geplande fabriek zal gebruikmaken van de infrastructuur en nutsvoorzieningen van het Chemie Park in Delfzijl. RWE zal de grondstoffen voor het Zambezi-proces leveren en lignine afnemen voor de opwekking van duurzame energie. Door de geografische, technische en logistieke voordelen van het Delfzijl-gebied, verwacht het partnerschap een kostenconcurrerende productie te realiseren, die kan helpen bij het versneld uitrollen van de biogebaseerde industrie in Noord-Nederland. De referentiefabriek wordt gebouwd met het oog op snelle uitbreidingsmogelijkheden na de testperiode.

Zetmeel

De glucose is zowel geschikt als katalysator als voor fermentatieprocessen voor de productie van nieuwe, duurzame materialen, zoals de bioplastics PLA en PEF. Gert-Jan Gruter, Chief Technology Officer van Avantium, een paar maanden geleden in Petrochem over de zuivere glucose: ‘Het product is dusdanig zuiver dat het zelfs geschikt zou kunnen zijn voor de voedingsmiddelenindustrie. Zoetstoffen en bindmiddelen uit hout dus! Twee studenten van de diëtetiekopleiding van de Hanzehogeschool in Groningen hebben marktonderzoek gedaan en kwamen tot de conclusie dat veel bedrijven uit de foodsector zeker geïnteresseerd zijn in deze nieuwe ingrediënten. Er wordt hier en daar nog wel kritisch gereageerd. Er zouden furanen zoals furfural en HMF zitten in glucose uit houtachtige biomassa. Maar dat gebeurt alleen bij hydrolyseprocessen die onder hogere temperaturen plaatshebben. Wij hebben juist een proces op kamertemperatuur ontwikkeld. Geweldig toch dat we zowel energie, grondstoffen voor de chemie als ingrediënten voor de voedingsmiddelenindustrie kunnen produceren uit agro- en houtafval. Dan heb je ook geen discussie meer over het gebruik van zetmeel voor chemie.’

Organisch afval

Inmiddels wordt een proefinstallatie gebouwd op het Limburgse chemieterrein Chemelot. De volgende fase na de proefopstelling is de bouw van een volwaardige fabriek. Hiervoor was interesse. Uiteindelijk heeft Avantium met de verschillende partners dus voor de Eemsdelta gekozen. Voordeel is dat de technologie die door Avantium wordt ontwikkeld, is gebaseerd op een proces dat al een eeuw oud is. Gruter: ‘Omdat we voortborduren op een bestaand proces, het aantal stappen minder is en de belangrijkste producten bestaande bulkprodukten zijn, verwacht ik dat er veel eerder een business case is.’

De Bergius-technologie werd vanaf 1916 ontwikkeld en vanaf 1935 commercieel toegepast voor de productie van zuivere glucose. De technologie werd gaandeweg minder populair doordat het zeer energie-intensief is. Gruter: ‘Dat hebben we met een aantal aanpassingen aangepakt, waardoor de technologie momenteel weer zeer interessant is. Het leuke is dat een dergelijke raffinaderij gewoon in Nederland gebouwd kan worden, gevoed met lokale grondstoffen. We hebben al eens met Staatsbosbeheer berekend hoeveel wij nodig hebben en hoeveel organisch afval er jaarlijks uit de bossen komt. Dat komt aardig met elkaar overeen.’

Stoomleiding

Met de komst van de bioraffinaderij wil de Eemsdelta een volgende stap zetten in de vergroening van het industriele cluster. De afgelopen tijd werd al een infrastructuur voor biostoom aangelegd, dat vandaag officieel wordt geopend. AkzoNobel neemt voor Chemie Park Delfzijl duurzaam geproduceerde stoom afvan een biomassacentrale van Eneco, die speciaal daarvoor is omgebouwd. Om de stoom bij het Chemie Park te krijgen, legt Groningen Seaports een twee kilometer lange stoomleiding aan. In totaal investeren de drie partijen tientallen miljoenen in de ombouw en aanleg. AkzoNobel gaat met Eneco een leveringscontract aan voor de duur van twaalf jaar met een totale waarde van ongeveer tweehonderd miljoen euro.

Samen met partners werkt Avantium wereldwijd aan efficiënte processen en duurzame producten op basis van biobased grondstoffen. Een succesvol voorbeeld is de YXY-technologie waarmee Avantium PEF heeft ontwikkeld: een nieuw, hoogwaardig soort plastic met suiker als grondstof. Vanaf oktober 2016 zijn alle YXY-werkzaamheden ondergebracht in Synvina, de joint venture van Avantium en BASF.