Stedin Archieven - Utilities

Stedin en Kiwa onderzochten hoe het gasnet van Stad aan ’t Haringvliet stapsgewijs van aardgas over kan gaan op groene waterstof. Het waterstof dient dan als warmtebron voor zeshonderd huizen. De onderzoekers concluderen dat het bestaande gasnet van Stedin hiervoor geschikt is.

Stad aan ’t Haringvliet ligt op Goeree-Overflakkee, dat door de aanwezigheid van wind- en zonneparken bij uitstek geschikt is voor de productie en toepassing van groene waterstof. Daarnaast bestaat Stad aan ’t Haringvliet uit oude en vrijstaande woningen. Het is heel kostbaar voor bewoners om de woningen maximaal te isoleren om ze geschikt te maken voor lagetemperatuursverwarming. Daarom lijken warmtepompen hier geen geschikt alternatief. De afwezigheid van duurzame warmtebronnen maken het dorp niet aantrekkelijk voor een warmtenet.

Aanpassingen aan het gasnet

Om het dorp helemaal over te laten stappen op waterstof, moeten er technisch drie zaken worden geregeld: de productie, het transport en het thuisgebruik van waterstof. Als netbeheerder gaat Stedin alleen over het transport van waterstof via het bestaande gasnet. Hiervoor moet Stedin het gasnet aanpassen. Dit doet zij door het vijftien kilometer lange gasnet van Stad aan ’t Haringvliet te spoelen met stikstof zodat al het aardgas eruit is. Vervolgens zet Stedin de gasdistrictstations die nu nog op aardgas functioneren om. Een deel van de huishoudens krijgt bovendien een andere gasmeter.

Veranderingen in huis

De overgang naar waterstofgas beperkt zich niet tot aanpassing van het gasnet. Er moet nog een installatie bij Stad aan ‘t Haringvliet komen voor de productie van waterstof. De huidige cv-ketel is alleen bedoeld voor aardgas en moet worden vervangen door een speciale waterstofketel. Die lijkt op de huidige cv-ketel, er zit alleen een andere verbrandingsinstallatie in. Verder moeten de gasleidingen in huis worden gecontroleerd.

Toch is de overstap naar waterstof relatief goedkoop. Er hoeft geen nieuw netwerk te worden aangelegd en bewoners hoeven hun huis ook niet extreem te isoleren. Het ombouwen van een woning kost grofweg een halve dag, een halfuur voor het vervangen van de gasmeter en drie uur voor het vervangen van de cv-ketel. Het hele dorp kan zo in een aantal weken worden omgebouwd.

Energy Island Goeree-Overflakkee

Het plan voor Stad aan ‘t Haringvliet komt voort uit het Convenant Groen Waterstofeconomie Zuid-Holland: proeftuin Energy Island Goeree-Overflakkee. Hierin onderzoeken verschillende partners de mogelijkheden voor waterstof in Zuid-Holland. Lees hier het rapport van Stedin en Kiwa

In de Rotterdamse deelgemeente Rozenburg start een proef om woningen te verwarmen met honderd procent waterstof. Dat hebben de bedrijven Bekaert Heating, Remeha, DNV GL, gemeente Rotterdam, woningstichting Ressort Wonen en netbeheerder Stedin afgesproken. De proef is een primeur, want nog niet eerder zijn in Nederland huizen verwarmd met HR-ketels op pure waterstof. De betrokken partijen willen dit daarom samen met de bewoners in de praktijk gaan ervaren.

Volgens de partners kan de technologie in dit project een bijdrage leveren aan de klimaatdoelstellingen. Bij de verbranding van waterstofgas komt, in tegenstelling tot aardgas, geen CO2 vrij. De voorbereiding van de proef is dit najaar en gaat begin 2019 van start.

De proef met waterstof is een voortzetting op het bestaande Power2Gas project in Rozenburg. Tot nu toe werd hier synthetisch aardgas geproduceerd voor de verwarming van een appartementencomplex van Ressort Wonen. Vanaf begin 2019 wordt lokaal waterstof geproduceerd met groene stroom en via een separaat gasnet van Stedin getransporteerd naar het ketelhuis van het appartementencomplex. Zowel een ketel van Bekaert Heating als van Remeha verwarmen vervolgens een deel van de woningen.

Verder onderzoek nodig

De toepassing van waterstof voor verwarming van huizen lijkt potentieel te hebben, maar moet nog wel verder onderzocht worden. Met de productie, distributie en het gebruik van waterstof is nog geen grootschalige ervaring opgedaan. Netbeheerders in Nederland pleiten er daarom voor om tot 2030 in te zetten op de ontwikkeling en het gebruik van waterstof in de industrie en op een aantal pilots. Om die reden heeft Stedin de specialisten van Bekaert Heating en Remeha gevraagd aan het Power2Gas project in Rozenburg mee te doen. DNV GL verzorgt de technische aspecten en veiligheid rondom het project.

In de eerste helft van 2017 is het vermogen van daken met zonnepanelen in de Randstad met 25 procent gegroeid in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Per maand komen er duizend nieuwe geregistreerde zonnedaken bij. Netbeheerder Stedin ziet al jaren de groei stevig doorzetten, maar nog nooit groeide het zo hard. De zonnepanelen in de Randstad hebben samen een vermogen van 295 megawatt. Dit vermogen kan voldoende duurzame stroom opwekken om 87.000 huishoudens een jaar lang te voorzien.

 

De ranglijst van gemeenten met het meeste geregistreerde vermogen zonne-energie wordt aangevoerd door Utrecht. Andere jaren was dat Den Haag die nu de tweede plek deelt met Amersfoort. Opvallend is de vijfde plaats voor Goeree-Overflakkee. Het Zuid-Hollandse eiland heeft aanzienlijk minder huishoudens dan de andere gemeenten in de top vijf, maar wekt per huishouden wel meer op. Een zonnepaneel heeft ongeveer een vermogen van 250 Wattpiek (Wp). Uit de cijfers van Stedin blijkt dat een huishouden op Goeree-Overflakkee gemiddeld 400 Wp vermogen aan zonnepanelen heeft, dus bijna net zoveel als twee panelen. In steden ligt het gemiddelde vermogen zonne-energie per huishouden veel lager, omdat er minder dakoppervlak per huishouden beschikbaar is voor zonnepanelen.

 

Gemeente Totaal geregistreerd vermogen (MW) Gemiddeld vermogen per huishouden (Wp)
1 Utrecht 17,3 100,0
2 Amersfoort 11,8  178,8
3 Den Haag 11,8 46,5
4 Rotterdam 11,1 35,2
5 Goeree-Overflakkee 8,0 400,0
6 Zoetermeer  6,3 114,5
7 Houten  5,9 302,6
8 Pijnacker-Nootdorp  5,7 258,0
9 Woerden 5,6 266,7
10  Utrechtse Heuvelrug  5,6  266,7

Tabel: top 10 geregistreerd vermogen zonnepanelen per gemeente in Stedin-gebied, bron: Stedin

‘Doordat zonnepanelen steeds beter en goedkoper worden en het economisch goed gaat in Nederland, groeit het aantal daken met zonnepanelen ieder jaar weer harder’’, zegt Joep Weerts, directeur Klant & Markt bij Stedin. ,,Dat is goed nieuws, want het brengt de uitstoot van CO2 omlaag en draagt bij aan een duurzamer Nederland. We weten ook dat het grootste deel van de duurzaam opgewekte energie niet direct wordt gebruikt, maar wordt teruggeleverd aan onze elektriciteitsnetten. Wanneer we niets doen kan dit problemen opleveren. Je kunt nu eenmaal niet steeds meer stroom op dezelfde kabels kwijt. Daarom houden we de effecten van het opwekken van duurzame stroom goed in de gaten en nemen we waar nodig maatregelen. Zo houden we ons energienetwerk betrouwbaar.’’

Vermogen grote installaties verdubbelt per jaar

Bij Stedin is van ruim 78.000 huishoudens in Zuid-Holland en Utrecht bekend dat zij zonnepanelen hebben. Daarnaast hebben ook 450 grote installaties zich geregistreerd. Dit zijn vaak ondernemers die soms wel honderden zonnepanelen hebben geïnstalleerd op daken van bijvoorbeeld stallen of loodsen. Het vermogen van deze grote installaties in het gebied van Stedin is nu 52 megawatt en verdubbelt per jaar. Dit vermogen is nu goed voor achttien procent van het totaal geregistreerde vermogen van zonne-energie in de Randstad. Dit percentage zal verder oplopen, omdat de grote installaties harder groeien dan zonnedaken op huishoudens.

De groei van zonne-energie breekt ieder jaar weer records en lijkt nu zelfs landelijk boven de verwachtingen uit te komen. Met deze groei verwacht Stedin een verdrievoudiging van het totaal vermogen zonne-energie in Nederland: van zo’n twee gigawatt eind 2016 naar zo’n zes gigawatt in 2020. Dat is meer dan waar de Rijksoverheid rekening mee houdt.

Voor het eerst publiceert Stedin Groep een halfjaarbericht als zelfstandig bedrijf. Het moederbedrijf van netbeheerder Stedin, Joulz en DNWG ontstond op 1 februari na de verplichte splitsing van Eneco Groep in een energiebedrijf (Eneco Groep) en een netwerkbedrijf (Stedin Groep). Het afgelopen halfjaar stond organisatorisch gezien in het teken van herpositioneren. Op financieel gebied verwacht Stedin Groep het jaar volgens planning af te sluiten.

‘Het was een intensief eerste halfjaar’, aldus Gerard Vesseur, CFO van Stedin Groep. ‘Na het realiseren van de splitsing van Eneco Groep hebben wij CityTec, het bedrijfsonderdeel dat gespecialiseerd is in openbare verlichting, verkocht. Net als ons netgebied in Weert. We zijn heel blij met de komst van onze Zeeuwse collega’s door de acquisitie van DELTA Netwerkgroep (DNWG).’

Resultaten volgens verwachting

Het Stedin Groep nettoresultaat (voor eenmalig bijzondere posten) kwam lager uit op 33 miljoen euro vergeleken met het eerste half jaar in 2016, waar het nettoresultaat van de afzonderlijke bedrijven nog 58 miljoen euro bedroeg. Die daling volgt op het tarievenbesluit van de Autoriteit Consument en Markt waardoor Stedin Groep lagere tarieven moest hanteren. Dit is positief voor klanten. Anderzijds zijn ook de bedrijfskosten hoger. ‘Dit wordt veroorzaakt door kosten die zijn gemaakt in het kader van de splitsing, de grootschalige aanbieding en installatie van slimme meters en een uitbreiding van het aantal gemeenten dat precariobelasting heft over onze ondergrondse energienetten. Desondanks zijn de financiële resultaten zoals we hadden verwacht’, legt Vesseur uit. De aankoop van DNWG is in deze halfjaarcijfers nog niet terug te vinden, maar is wel in de balans meegeconsolideerd. De resultaten tellen pas vanaf 1 juli mee.

Herpositionering

Na splitsing startte Stedin Groep direct met het herpositioneren van activiteiten. DNWG maakt sinds 13 juni deel uit van Stedin Groep en is overgenomen van de Zeeuwse energiemaatschappij PZEM (voorheen DELTA). DNWG, met dochters Enduris (netbeheer) en DELTA Infra (infrabedrijf), is actief in de provincie Zeeland. Enduris beheert daar het energienet voor 200.000 Zeeuwse huishoudens en bedrijven. Op 31 maart is CityTec verkocht aan Strong Root Capital. Het onderhoud van openbare verlichting past niet langer bij de langetermijndoelen van Stedin Groep.

Daarnaast is het netwerkbedrijf in Weert (Limburg) op 1 juli overgedragen aan Enexis Netbeheer. Stedin was eigenaar van de netten in de gemeente Weert, terwijl Enexis Netbeheer alle andere gas- en elektriciteitsnetten in de provincie Limburg beheert. Door de verkoop van het netgebied is het publieke netbeheer in Limburg duidelijker voor alle belanghebbenden geworden.

Gasaansluitplicht afschaffen

Stedin Groep ziet dat het momentum van de energietransitie aanbreekt. Steeds meer mensen plaatsen zonnepanelen en kiezen voor een elektrische auto. Daarom zoekt Stedin Groep samen met overheden, klanten en marktpartijen naar de beste manier om de energietransitie vorm te geven. Zo is onlangs een drie jaar durende proef met all electric-woningen in de Gorinchemse wijk Hoog Dalem door Stedin met succes afgerond. Ook wordt door Stedin met andere gemeenten onderzocht waar nieuwbouwprojecten op duurzame alternatieven kunnen worden aangesloten. Het ontwikkelen en inzetten van dergelijke samenwerkingsverbanden is cruciaal. De energietransitie is namelijk een opgave voor de hele samenleving.

Voor een CO2-neutraal Nederland in 2050 is uitfasering van aardgas noodzakelijk. Stedin Groep roept de nieuwe Tweede Kamer op om vaart te maken met het afschaffen van de gasaansluitplicht voor nieuwbouwwoningen. De uitdaging naar een CO2-neutraal Nederland is groot en daarom moeten we het verplicht aanleggen van nieuwe gasnetten voorkomen.

Netbeheerder Stedin neemt de netbeheeractiviteiten van het voormalige Delta over voor een bedrag van zo’n 450 miljoen euro. Daarmee stoot PZEM, zoals Delta nu heet, bijna al zijn netwerkactiviteiten af. Alleen de netwerken van waterbedrijf Evides blijven in Zeeuwse handen.

Provinciale Zeeuwse Energie Maatschappij (PZEM) heeft overeenstemming bereikt met Stedin over de voorgenomen verkoop van Zeeuwse Netwerkholding inclusief alle dochtervennootschappen en deelnemingen waaronder De Netwerkgroep Infra en netbeheerder Enduris, ofwel de Delta Netwerkgroep (DNWG).

De verkoop vindt plaats onder voorwaarde van goedkeuring door de aandeelhouders van PZEM, de Autoriteit Consument & Markt en een positief advies van de centrale ondernemingsraad van PZEM. De prijs die Stedin voor honderd procent van de aandelen betaalt bedraagt ca. € 450 miljoen. Dit bedrag is na aftrek van schulden en overige aanpassingen van ongeveer € 160 miljoen.

Zeeland

Gerard Uytdewilligen, CEO van PZEM, is positief: ‘Met Stedin krijgt DNWG een nieuwe eigenaar die veel ervaring, kennis en expertise meebrengt. Samen kunnen zij de toekomst tegemoet en daarmee de hoge kwaliteit van de netwerken in Zeeland ook in de toekomst garanderen. Dat is goed nieuws voor de Zeeuwse klanten en voor de medewerkers.’

Daarnaast zullen de Zeeuwse publieke belangen, waaronder werkgelegenheid en innovatie op het gebied van energietransitie, die uitvoering geeft aan het Zeeuwse Energieakkoord, worden geborgd door het oprichten van een Stichting. In deze stichting zullen vertegenwoordigers van de aandeelhouders van PZEM en vertegenwoordigers van Stedin zitting nemen.

Marc van der Linden, CEO van Stedin Groep: ‘Zowel Stedin Groep als DNWG staan voor een betrouwbare, betaalbare en veilige gas- en elektriciteitsvoorziening. Nu en in de toekomst. Samen met onze medewerkers kunnen we die toekomst nu nog beter aan. DNWG en Stedin zijn beide sterk verankerd in de samenleving. De plek waar de energietransitie zich grotendeels voltrekt. Door onze krachten te bundelen kunnen we onze klanten nog beter van dienst zijn en tegelijkertijd aan onze ambitie werken: duurzame energie voor iedereen.”

Totaaloplossing

De verkoop van DNWG vindt plaats in het kader van de eerder aangekondigde herstructurering van PZEM (voorheen Delta). De ontwikkelingen binnen de energiemarkt en de verplichte splitsing maakten het noodzakelijk om DNWG te verkopen. Volgens de Splitsingswet (Wet Onafhankelijk Netbeheer) moeten het productie- en leveringsbedrijf gescheiden zijn van de gereguleerde netwerkactiviteiten per 1 juli 2017. Toen in december bleek dat het niet mogelijk was DNWG in Zeeuwse handen te houden, is het externe verkoopproces gestart. Na afronding van de verkoop van DNWG zullen de gereguleerde netwerkactiviteiten van PZEM beperkt zijn tot het vijftig procents-belang in waterbedrijf Evides.

Netbeheerder Stedin en Evides Waterbedrijf willen nauwer samenwerken. De werkgebieden van Stedin en Evides overlappen elkaar voor een groot deel in Zuid-Holland. De twee bedrijven onderzoeken daarom of intensiever samenwerken bijdraagt aan verhoging van de klanttevredenheid en aan kostenefficiëntie door bijvoorbeeld vervanging van gas- en waterleidingen te combineren.

Marc van der Linden (voorzitter raad van bestuur Stedin) en Annette Ottolini (algemeen directeur Evides) tekenden hiervoor een intentieverklaring. In de afgelopen jaren zijn – vooral uit praktisch oogpunt – diverse samenwerkingsverbanden ontstaan waaraan onder andere ook Stedin en Evides deelnemen. Van structurele samenwerking met zijn tweeën kwam het nog niet.

Annette Ottolini, Algemeen directeur Evides: ‘Voor Evides Waterbedrijf staat omgevings- en klantgericht werken centraal. We hebben succesvolle voorbeelden van projecten die vanuit de werkvloer zijn geïnitieerd en die laten zien welke resultaten we in dat opzicht samen met Stedin kunnen behalen. Zo hebben we, waar we grote vervangingsprojecten merendeels gezamenlijk uitvoerden, de impact op de omgeving aantoonbaar kunnen beperken en efficiënter kunnen werken.’

Samenwerken goed voor de toekomst

Stedin en Evides zijn enthousiast over de gezamenlijke aanpak van werkzaamheden aan gas- en waterleidingen. We zien dat deze praktijkvoorbeelden lonen. Marc van der Linden, voorzitter raad van bestuur Stedin: ‘De veranderingen in de energiesector, zoals de opkomst van duurzame energie, vragen de nodige investeringen in het energienet. De samenwerking met Evides is een prachtig voorbeeld om de kosten voor deze investeringen in toom te houden en zo de netbeheerkosten op de energierekening zo laag mogelijk te houden.’

De komende maanden gaan de partijen ook verkennen of ze samen kunnen optrekken op het gebied van veranderende wetgeving, werving van technisch personeel en datamanagement. Eind mei moeten de resultaten van het samenwerkingsonderzoek bekend zijn. De afspraken die daaruit voortkomen, zullen Stedin en Evides vervolgens officieel bekrachtigen in een samenwerkingsovereenkomst.

 

Stedin Groep presenteert voor het eerst sinds haar bestaan haar jaarbericht. Stedin Groep bestaat officieel sinds 1 februari 2017. Een nieuwe groep van ondernemingen, ontstaan als gevolg van de splitsing van Eneco Holding N.V. in een netwerkbedrijf Stedin Groep en een energiebedrijf Eneco Groep. De bedrijfsonderdelen Stedin, Joulz en CityTec en de joint ventures Tensz en Utility Connect vormen deze nieuwe Stedin Groep.

De missie van Stedin Groep is: ‘Duurzame energie voor iedereen’. Het nieuwe bedrijf voelt zich verantwoordelijk voor de beschikbaarheid van duurzame energie voor zijn klanten om te leven, werken en ondernemen. De groep streeft er bovendien naar de energienetten vanuit maatschappelijk belang te verduurzamen en onverminderd robuust en betaalbaar te houden. Alle bedrijfsonderdelen van Stedin Groep dragen met hun kennis en activiteiten bij om deze missie te realiseren.

Het dagelijks bestuur van de Stedin Groep ligt in handen van de nieuwe Raad van Bestuur (RvB): Marc van der Linden (CEO), Gerard Vesseur (CFO) en Judith Koole (COO). Met dit drietal kiest Stedin Groep voor brede expertise en ervaring binnen de verscheidene facetten van de energiewereld.

Financieel

Het resultaat na belastingen voor Stedin Groep bedraagt in 2016 105 miljoen euro (in 2015 151 miljoen euro). De omzet steeg naar bijna 1,2 miljard euro (2015: 1,1 miljard euro) ondanks de lagere elektriciteitstarieven. De toename komt voor een groot deel uit een hogere omzet van Joulz Energy Solutions. De totale bedrijfskosten namen met 89 miljoen toe tot 816 miljoen euro. Deze toename is onder meer toe te schrijven aan een verdubbeling van de precariobelasting van 35 miljoen euro in 2015 naar 70 miljoen euro in 2016. Deze belasting steeg enerzijds door hogere tarieven en anderzijds door een toename van het aantal gemeentes dat deze belasting heft. Daarnaast stegen de kosten ook in verband met de aanbieding en installaties van de slimme meter, de groei van Joulz en uitbreiding van de ICT-activiteiten.

Meer dan € 400 miljoen geïnvesteerd

Stedin heeft in 2016 402,2 miljoen euro geïnvesteerd in de gereguleerde netwerken en meters, een toename van twaalf procent in vergelijking met 2015 (360,0 miljoen euro). Belangrijke projecten die hieronder vallen zijn het compleet vernieuwde elektriciteitsstation in Klaaswaal, dat bijdraagt aan de betrouwbaarheid van het energienetwerk van de regio Hoeksche Waard. Ook het vernieuwde elektriciteitsverdeelstation in Ooltgensplaat voor het eiland Goeree-Overflakkee heeft de betrouwbaarheid van het elektriciteitsnet daar geoptimaliseerd en maakt het mogelijk om duurzaam opgewekte energie altijd van, naar én op het eiland te transporteren. Stedin investeerde in 2016 ook flink in de elektriciteitsnetten van Dordrecht en Zwijndrecht.

Storingscijfers omlaag

In 2016 zaten de klanten van Stedin gemiddeld zeventien minuten zonder stroom vanwege een storing. Dat is een daling van dertig procent in vergelijking met 2015. De gemiddelde uitvalduur van gas is bijna gehalveerd: van 97 seconden (2015) naar 52 seconden (2016). Stedin is in 2016 verschillende initiatieven gestart om de gemiddelde onderbrekingsduur per storing te reduceren. Interne processen en werkwijzen zijn verbeterd, evenals de datakwaliteit van de bedrijfsmiddelen, en het aantal intelligente storingsverklikkers in netten is uitgebreid. Ook is in 2016 de implementatie van het Distributie Management Systeem afgerond. In 2016 heeft Stedin haar plannings- en aansturingsprocessen verbeterd, zodat de periode tussen het aannemen van een door de klant gemelde storing en het arriveren van de monteur ter plaatse, is verkort.

Energietransitie vereist innovatieve oplossingen

Door de overgang van fossiele brandstoffen naar een duurzame energievoorziening (zon en wind) verandert het energielandschap. De klant kiest steeds vaker voor decentrale duurzame opwek, duurzaam vervoer, vergaande elektrificatie en duurzame verwarming. Maar soms kiest de klant niet. Om de energietransitie te versnellen is een flexibel, interactief energielandschap vereist.

Zo is de opwek van duurzame energie door de veranderlijkheid van het weer onvoorspelbaar en niet constant. Om dat goed op te vangen, is het noodzakelijk dat het energiesysteem flexibeler wordt. In 2016 ging daarom het Stedin Flex Versnellingsprogramma van start. Met dit programma stimuleert Stedin marktinitiatieven die flexibiliteitsoplossingen bieden en creëert Stedin de juiste randvoorwaarden om te onderzoeken wat de impact en effectiviteit van de oplossing is op het elektriciteitsnet. In 2016 is in dit kader een pilot gestart om te onderzoeken of door vraagsturing het net niet overbelast wordt en hierdoor grote investeringen in het net voorkomen kunnen worden.

CityTec heeft op zeer innovatieve wijze in het Amsterdamse havengebied een fietspad verlicht met zonne- en windenergie die ter plekke wordt opgewekt. Als onderdeel van deze pilot heeft CityTec 42 straatlantaarns geplaatst die voor hun dynamische en dimbare LED-lampen geen stroom meer nodig hebben van het reguliere (AC) elektriciteitsnet. De duurzame elektriciteit komt volledig van de nabij geplaatste drijvende zonnepanelen en van een mini windturbine. Deze laden een batterij op en door het eigen gelijkspanningsnet (DC) worden de straatlantaarns van de benodigde energie voorzien. Met dit zelfvoorzienend en autonoom systeem heeft de Amsterdamse haven een wereldprimeur in handen.

Joulz ontwikkelde in 2016 een modulaire aanpak voor de vernieuwing van stationsautomatisering. De nieuwe aanpak is voor tachtig procent standaard en geeft voor twintig procent ruimte voor maatwerk per station. De doelstelling is om de integrale kostprijs voor de klant met 25 procent te reduceren. In 2016 startte een pilotproject in Spaanse Polder, Rotterdam. Stedin heeft 245 stations die in aanmerking komen voor stationsautomatisering en -beveiliging.

Gasaansluitplicht bij nieuwbouw schrappen

In 2016 heeft Stedin sterk gepleit voor het schrappen van de gasaansluitplicht voor nieuwbouwhuizen. Het aanleggen van een nieuw gasnet is volgens Stedin niet meer wenselijk, omdat we in Nederland met elkaar hebben afgesproken uiteindelijk onze huizen niet meer met aardgas te verwarmen. Daar waar dat opportuun is, zou het aanleggen van nieuwe gasnetten niet vanzelfsprekend moeten zijn. Deze oproep heeft er onder andere toe geleid dat in veel gemeenten nu projecten lopen om huizen niet meer met aardgas te verwarmen en dat het schrappen van de aansluitplicht geagendeerd staat in de Tweede Kamer.

 

De gemeente Goeree-Overflakkee en netbeheerder Stedin gaan intensiever met elkaar samenwerken om het eiland Goeree-Overflakkee in 2020 volledig energieneutraal te krijgen. Zo gaan de gemeente en de netbeheerder samen het aardgasgebruik van het eiland omlaag brengen en ervoor zorgen dat alle inwoners inzicht krijgen in hun eigen energieverbruik via de slimme energiemeter.

De energievoorziening verandert. Fossiele brandstoffen verdwijnen langzaam en duurzame initiatieven zoals goed geïsoleerde huizen, zonnepanelen op daken en windmolens, hebben de toekomst. Daarom denken de gemeente en de netbeheerder zorgvuldig na over investeringen in de gas- en elektriciteit infrastructuur.

Energieneutraal in 2020

’Door energiebesparing en duurzame energieopwekking via zon, zee en wind, wil Goeree-Overflakkee in 2020 energieneutraal zijn’’, zegt wethouder Arend-Jan van der Vlugt, die duurzaamheid in zijn portefeuille heeft. ‘Een ander punt is dat we het gebruik van aardgas willen verminderen. Bij het gebruik van aardgas komt CO2 vrij, dus wie klimaatneutraal wil zijn, moet afscheid nemen van aardgas. Om die reden kijken we samen met Stedin naar hoe we het gasverbruik op het eiland kunnen verminderen en in kunnen zetten op betaalbare alternatieven.’

De gemeente Goeree-Overflakkee en Stedin willen de inwoners van Goeree-Overflakkee meer inzicht geven in hun energieverbruik, zodat men ook zelf kan gaan besparen. ,,De slimme meter stimuleert het energiebewustzijn. Door de digitale energiemeter te koppelen aan een display of app kun je je verbruik actief monitoren. Zo kun je makkelijk op de energierekening besparen en dus ook het milieu helpen’’, aldus Joep Weerts, directeur Klant en Markt van Stedin. Dit jaar start Stedin met de voorbereidingen om bij ruim 20.000 huishoudens en kleinzakelijke klanten op Goeree-Overflakkee de traditionele meters te vervangen door slimme energiemeters.

Getijdencentrale Brouwersdam

De duurzame ontwikkelingen op Goeree-Overflakkee zijn niet nieuw. De afgelopen jaren investeerde Stedin meer dan honderd miljoen euro in de betrouwbaarheid en optimalisatie van het elektriciteitsnet. Zo kan duurzaam opgewekte energie altijd van, naar én op het eiland getransporteerd worden. Verder zijn er plannen voor het realiseren van een getijdencentrale in de Brouwersdam, waar duurzame energieproductie wordt gecombineerd met een verbeterde waterkwaliteit van de Grevelingen. In Oude-Tonge komt een tankstation met onder andere lokaal duurzaam opgewekte waterstof.