TKI Nieuw Gas Archieven - Utilities

Het TKI Nieuw Gas opent de subsidieregeling waterstoftechnologie. De regeling moet technologie stimuleren die de productie van waterstof goedkoper een eenvoudiger moet maken. Tegelijkertijd wil het TKI ook het gebruik van waterstof, bijvoorbeeld in branders en gasturbines, verbeteren.

Het TKI Nieuw gas opende zijn nieuwe subsidieregeling voor stimulering van technologieontwikkeling die nodig is voor het succesvol inrichten van waterstofketens. Als voorwaarde stelt men dat de technologie op korte termijn (binnen 3-5 jaar) tot betere prestaties moet leiden. Onder betere prestaties verstaat het kennisinstituut: significant lagere investeringskosten en/of operationele kosten, hogere efficiëntie, minder onderhoud, bredere toepassingen, grotere meetnauwkeurigheden, minder gebruik van schaarse materialen en verminderde ruimtelijke impact.

Daarnaast moet de subsidie de ontwikkeling van technologie ondersteunen die de toepasbaarheid van waterstof mogelijk maakt of verbetert. Voorbeelden zijn de toepassing van waterstof in branders en gasturbines.

Industrieel onderzoek

Het TKI zoekt onder andere verbeteringen in het meten en analyseren van waterstof. Maar ook mogelijkheden voor decentrale productie van waterstof via elektrolyse. Verdere verbeteringen verwacht men te halen in  compressie, reinigen, drogen, koelen en odorisatie van waterstof. Maar partijen die ideeen hebben voor waterstofopslag, brandstofceltechnologie en brandertechnologie voor waterstof kunnen hun voorstel indienen.

De subsidie bedraagt maximaal 250.000 euro per aanvraag, het totale budget bedraagt drie miljoen euro. Qua onderzoekscategorieën zijn alleen industrieel onderzoek (50% subsidie) en experimentele ontwikkeling (25% subsidie) toegestaan.

 

TKI Nieuw Gas analyseerde 68 groen gas-projecten en concludeerde dat meer dan de helft ervan een positieve bijdrage heeft aan de doelstelling van de regelingen. Wel ziet men de groei van het aantal projecten stagneren. Met name mestvergisting loopt nog behoorlijk achter, terwijl het meerdere problemen kan oplossen.

De rapportage van TKI Nieuw Gas begint positief. Meer dan de helft van de projecten die ondersteuning kregen, levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen van de regelingen. Ze produceren meer energie of doen dat goedkoper of doen beide. Een kleiner deel (13%) is aantoonbaar vaker dan één keer toegepast. Door aandacht te besteden aan het wegnemen van technische barrières, is de afgelopen jaren veel vooruitgang geboekt. Echter ook niet-technische aspecten als maatschappelijk draagvlak, financiering en samenwerking in de keten zijn belangrijk om de ambities te realiseren.

Men maakt zich dan ook zorgen of de 2030 doelstellingen wel kunnen worden gehaald. Het totaal aantal vergistings- of vergassingsprojecten in Nederland groeit sinds 2008 namelijk met iets minder dan acht projecten per jaar. Om twee miljard kuub te halen in 2030 moeten ieder jaar acht nieuwe projecten beginnen met het produceren van gemiddeld iets meer dan twintig miljoen kuub groen gas.

Mestvergisting

De opstellers van het rapport zagen vooral dat mestvergisting achterblijft. Minder dan vijf procent van de mest uit Nederland wordt gebruikt voor biogasproductie. Hoewel de opstellers van het rapport er vanuit gaan dat de mestvolumes in de toekomst zullen afnemen, kan mest een substantiële bijdrage leveren aan de 2 BCM ambitie. Op het gebied van conservering van mest valt nog veel winst te halen en vanwege het forse volume zal dat dan ook een flinke impact hebben. Door gebruik te maken van stikstofstrippers kan tegelijkertijd een bijdrage geleverd worden aan het terugdringen van het stikstofprobleem.

Bio-LNG

Men put hoop uit de nieuwe SDE++ regeling voor geavanceerde biobrandstoffen, die de financierbaarheid van bioLNG-projecten verbetert. Het projectenvolume kan verder groeien door duidelijke keuzes te maken over de rol van groen gas in de warmtetransitie. Bijkomend voordeel is dat dan lasten en baten in dezelfde regio kunnen vallen. De opzet van de SDE++ zorgt er helaas voor dat groen gas-projecten vaak achter het net vissen waardoor de volumeopbouw achter blijft bij de ambities.

Vergisting en vergassing

De techniek van vergisting is voldoende ver ontwikkeld, winst is vooral te halen uit voor-of nageschakelde technologieën die in staat zijn om meer waarde aan de biomassa te onttrekken. Bij vergassingstechnologie is het met name de stap naar groen gas die aandacht behoeft. Omdat groen gas de enige afzetroute voor biomassavergassing is binnen de SDE++, kunnen vergassingsprojecten pas opschalen als de opwaardering naar groen gas marktrijp is.

Syngas en waterstof

De opname van de levering van syngas of waterstof uit een vergasser als verbredingsoptie kan voor een groei van het aantal projecten zorgen en zo de ontwikkeling in deze sector versnellen. Daarnaast is het goed om voor vergassingtechnologie nog eens heel goed naar de stimuleringsinstrumenten te kijken omdat vanuit de markt wordt aangegeven dat ze met de huidige mix niet goed uit de voeten kunnen. Vooral de fase vlak voor commercialisatie levert problemen op.

Combinatie

Het creëren van experimenteerruimte bij de transitie van (voormalige) aardgaswinningslocaties naar groen gas productielocaties kan helpen om groen gas een stevige duw in de rug te geven. De CO2 in biogas kan stikstof in aardgas vervangen waardoor een opwaardeerinstallatie en stikstofproductie vermeden kunnen worden. Ook qua vergunning (SODM) valt tijdwinst te halen.

Het TKI Nieuw Gas stelt 2,5 miljoen euro beschikbaar voor onderzoek naar diepe geothermie. Het TKI hoopt daarmee kosten te verlagen, efficiency te verhogen, risico’s te verminderen en transparantie en veiligheid te vergroten van (ultra) diepe geothermie.  

De programmalijn Geo-Energie richt zich op veilig en duurzaam gebruik van de diepe ondergrond voor energiewinning en energieopslag. Dat doet zij via het ontwikkelen, testen, demonstreren en implementeren van kennis en innovatieve technieken.

Projectvoorstellen

Belangrijke voorwaarden voor dit soort innovaties is dat ze de ondergrond gebruiken met minimale impact op milieu en leefomgeving en maximale operationele veiligheid. Het TKI Nieuw Gas nodigt daarom projectvoorstellen uit die zich specifiek richten op het onderzoeksgebied Geo Energie voor de energietransitie.

Deze call voor projectvoorstellen richt zich inhoudelijk op het gebruik van de diepe ondergrond voor duurzame energiewinning (zoals geothermie) en energieopslag. Voor verschillende toepassingen is er sprake van onzekerheden als het gaat om kosten en risico’s en spelen vragen omtrent veiligheid van productie en opslag een grote rol.

Voorwaarden

De innovaties die  een projectvoorstel kunnen indienen, moeten bijdragen aan kostenverlaging, efficiencyverhoging en risicovermindering. Daarnaast moeten ze de transparantie vergroten en de veiligheid garanderen van duurzame toepassingen in de ondergrond. Qua positionering in de innovatieketen gaat het hierbij om TRL3 – TRL6.

Alhoewel het TKI verwacht dat ondergrondse activiteiten tot een diepte van vier kilometer voorang krijgen, heeft de call geen restrictie als het gaat om een maximale diepte.

Enkele belangrijke gegevens

  • In totaal stelt het TKI Nieuw Gas € 2,5 miljoen aan budget beschikbaar
  • Projectvoorstellen ontvangen een maximale bijdrage van € 500.000
  • Opening call: 15 juli 2020
  • Sluiting 1e ronde (Expression of Interest): 6 oktober 2020, 17.00 uur
  • Opening 2e ronde (Volledig projectvoorstel): 13 oktober 2020, 17.00 uur
  • Sluiting call: 24 november 2020, 17.00 uur
  • De PPS-toeslagregeling is van toepassing
  • Een deskundige en onafhankelijke expertcommissie beoordeeld elke ingediende Expression of Interest (1e ronde) en alle project voorstellen (2e ronde). Hun oordeel is bindend
  • Projectvoorstellen worden op vier criteria beoordeeld: Bijdrage aan de doelstelling, slaagkans, mate van innovatie, kwaliteit van het project

Zie voor verdere vragen de bijlage

Over tien jaar is waterstof qua technologie klaar voor grootschalige introductie in een heel scala van toepassingen in Nederland. Ulco Vermeulen, voorzitter van het TKI Nieuw Gas van de Topsector Energie, overhandigde de Routekaart Waterstof aan Sandor Gaastra, directeur-generaal Energie van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK). De Routekaart beschrijft waar en hoe duurzame waterstof kan worden ingebed in het Nederlandse energie- en grondstoffensysteem.

De Routekaart stelt dat nu investeringen noodzakelijk in pilots en demonstratieprojecten zodat ervaring kan worden opgebouwd, vooral in de industrie en de mobiliteit, de meest kansrijke markten voor duurzame waterstof. Innovaties blijven belangrijk om nieuwe toepassingen mogelijk te maken en om de kosten van de technologie en van systemen, en daarmee de kostprijs van waterstof, verder te laten dalen. De Routekaart is in opdracht van EZK door TKI Nieuw Gas opgesteld.

Systeemrol van waterstof

Waterstof vervult een belangrijke systeemrol. Waterstof biedt flexibiliteit vanwege de verschillende toepassingsmogelijkheden. Het koppelt markten aan elkaar zoals (offshore) windparken en de chemische industrie waar waterstof kan worden gebruikt voor de opwekking van hogetemperatuurwarmte en als grondstof voor chemicaliën voor de productie van bijvoorbeeld ammoniak. Het is een duurzaam alternatief voor koolstofhoudende energiedragers, zoals diesel in vrachtwagens, schepen en treinen waar batterij-elektrische oplossingen niet toereikend zijn. Het kan in de bestaande gebouwde omgeving aardgas vervangen. Waterstof biedt ook grootschalige opslag gedurende langere perioden. Voor het transport van waterstof kan de huidige gasinfrastructuur worden gebruikt.

Groene waterstof

Voor de productie van waterstof bestaan diverse mogelijkheden. Groene, duurzame waterstof kan bijvoorbeeld worden geproduceerd uit duurzame elektriciteit afkomstig van wind en zon. Daarbij wordt elektriciteit gebruikt om via elektrolyse water te splitsen in waterstof en zuurstof. Voor grijze waterstof is aardgas de basis. Als de daarbij vrijkomende CO2 wordt afgevangen en bijvoorbeeld offshore in lege gasvelden wordt opgeslagen, is er sprake van blauwe waterstof die klimaatneutraal is. De routekaart pleit voor groene, duurzame waterstof en stelt dat grijze op de korte termijn en blauwe waterstof op de middellange termijn kunnen helpen om de markt voor waterstof snel te ontwikkelen.

Nederland kan koploper worden in Europa

Nederland is uitstekend gepositioneerd om een belangrijke rol te spelen op het gebied van waterstof. De Nederlandse ambities voor offshore wind, de sterke industriepositie, de uitstekende infrastructuur (havens, gasleidingen, gasvelden, aanlanding elektriciteit) en de goede kennispositie vormen een stevige basis om met klimaatneutrale en duurzame waterstof onze ambitieuze klimaatdoelstellingen voor 2030 en 2050 te halen.

De Routekaart stelt dat integrale plan- en visievorming noodzakelijk is. Een heel scala aan ontwikkelingen heeft invloed op waterstof, zoals de productie van duurzame elektriciteit uit wind en zon, de behoefte aan infrastructuur, verduurzaming van de industrie, de beschikbaarheid van gasnetten, de mogelijkheden van CCS (CO2-afvang en -opslag) en beleid op het gebied van energie, klimaat en innovatie. Duidelijkheid en keuzes zijn vereist om de kansen die waterstof biedt te kunnen verzilveren.