Noord-Nederland wil 2,8 miljard stoppen in waterstof - Utilities
nieuws

Noord-Nederland wil 2,8 miljard stoppen in waterstof

Publicatie

1 mrt 2019

Categorie

Het Nieuwe Produceren

Soort

nieuws

Tags

groen waterstof

Bedrijven en overheden in Noord-Nederland willen de komende 12 jaar 2,8 miljard euro investeren in emissievrije waterstof. Wel vragen ze de landelijke overheid om duidelijke regelgeving en eenduidige certificering van groene waterstof. En uiteraard om de benodigde subsidies. 

Al eerder maakten bedrijven en overheden in Noord-Nederland verschillende waterstofplannen bekend rond de productie en het gebruik van waterstof. Begin deze week werd bijvoorbeeld nog bekend dat BioMCN hernieuwbare methanol wil gaan maken uit groen waterstof en CO2. De waterstof moet komen van een nog te bouwen 20-megawatt waterelektrolysefabriek in Delfzijl. Via elektrolyse moet met duurzaam opgewekte energie waterstof uit water worden geproduceerd. Volledig CO2-neutraal en zonder fossiele grondstoffen, dus. Het is een plan van Nouryon en Gasunie. De bedrijven verwachten later dit jaar de finale investeringsbeslissing voor het project te nemen.

Noorwegen

In de Eemshaven, Delfzijl en Emmen zijn meer grote potentiële industriële afnemers van waterstof gevestigd. En al eerder werd bekend dat Nuon een deel van de Magnumcentrale geschikt gaat maken voor elektriciteitsproductie uit waterstof. Nuon wil daarvoor het zogenoemde blauwe waterstof inzetten. Dat wordt nog wel geproduceerd uit – in dit geval – aardgas, maar de CO2 die daarbij vrijkomt moet dan weer in Noorwegen ondergronds worden opgeslagen. Ook wordt gekeken naar de inzet van waterstof in transport en de bebouwde omgeving. Zo gaat Hoogeveen een wijk verwarmen met waterstof en er rijden al waterstofbussen en veegwagens door de regio.

Rest van Nederland

Belangrijk voor de integratie van deze en toekomstige plannen is het transport en de distributie van het waterstof. Belangrijke partner in de plannen is daarom Gasunie. Uit verschillende studies blijkt dat haar bestaande infrastructuur voor aardgas eenvoudig geschikt is te maken voor het transport van waterstof binnen de regio, maar ook naar de rest van Nederland en het Ruhrgebied. Gedeputeerde Patrick Brouns van de provincie Groningen: ‘Met de voorgenomen investeringen én gerichte steun van het Rijk, kunnen we de productie en het gebruik van CO2-vrije waterstof fors opschalen. Zo vergroenen we de industrie en versterken we de economie in onze regio, in de rest van Nederland en daarbuiten.’

Onrendabele top

In hun plan verwachten bedrijven en overheden uit Noord-Nederland  in 2030 emissievrije waterstof grootschalig en rendabel te produceren, te gebruiken en te transporteren. Gisteren, bij het aanbieden van het plan aan de minister van EZK, vroegen de ondertekenaars wel steun van de landelijke overheid in de vorm van duidelijke regelgeving en eenduidige certificering van groene waterstof. Ook benadrukten ze het belang van een SDE+-achtige regeling om tijdelijk een deel van het prijsverschil tussen emissievrije en grijze waterstof te dragen. Deze zogenoemde ‘onrendabele top’ is volgens de noordelijke coalitie tot 2024 naar verwachting 100 miljoen euro per jaar nodig.

Door plannen en projecten te bundelen wil Noord-Nederland een grote stap zetten naar een toekomstbestendige groene industrie. Doel is om installaties te ontwikkelen voor de productie van groene waterstof met een vermogen van minstens 100 megawatt (MW) en een productielocatie voor blauwe waterstof van minimaal 1,2 gigawatt (GW). Daarnaast willen de partijen de infrastructuur voor transport en opslag van waterstof realiseren en de processen in de industrie en elektriciteitsproductie herinrichten om het gebruik van waterstof mogelijk te maken.

Energieproeftuin

Het ‘Integraal waterstofplan Noord-Nederland’ is opgesteld door negentien partijen: Avebe, BioMCN, Emmtec services, Eneco, Engie, Equinor, ESD-SIC, Groningen Seaports, Lagerwey, Nam, Gasunie, Nedmag, Nouryon, Nuon/Vattenfall, Provincie Groningen, Shell, Suikerunie, Teijin Aramid en Waterbedrijf Groningen. Samen hebben zij een portefeuille van ruim dertig projecten om productie, gebruik en transport van waterstof op te schalen. Van de ontwikkeling van een elektrolyser met een vermogen van 200 megawatt tot windmolens die rechtstreeks waterstof produceren. En van de realisatie van een waterstofdistributienet in Delfzijl tot de vestiging van het Hydrohub test- en ontwikkelcentrum bij energieproeftuin EnTranCe.

Groen en blauw

Op het moment wordt in de procesindustrie al veel waterstof gebruikt, onder andere voor het ontzwavelen van brandstoffen en de productie van ammoniak, een belangrijke bouwsteen voor kunstmest. Dit waterstof wordt voornamelijk geproduceerd uit fossiele brandstoffen. Bij de productie van die grijze waterstof, bijvoorbeeld uit aardgas, komt veel CO2 vrij. Te meer omdat fossiele brandstoffen ook de benodigde warmte leveren voor het productieproces. Als die CO2 wordt afgevangen en opgeslagen, spreken we van blauwe waterstof.  De groene variant wordt gemaakt met duurzaam opgewekte elektriciteit, bijvoorbeeld stroom uit zon of wind. Dit proces heet elektrolyse.

Recent krijgt ook een andere variant van waterstof meer aandacht, tussen groen en blauw in. Noem het turquoise. In een bad van gesmolten metaal kan waterstof uit aardgas worden geproduceerd zonder de uitstoot van CO2. Het tweede product is dan koolstof. Op verschillende plaatsen in de wereld wordt hier door grote bedrijven (onder andere BASF, Gazprom en Shell) onderzoek naar gedaan. In Nederland werkt TNO aan de verbetering van deze technologie. Koolstof heeft een scala aan toepassingsmogelijkheden. In Delfzijl bijvoorbeeld produceert PPG carbon black dat kan worden gebruikt als kleurstof of vulmiddel voor autobanden. Koolstof kan ook grootschalig worden ingezet als bodemveredelaar. Lees hier meer over turquoise waterstof.

Fotocredit: Wim Raaijen