aardgas Archieven - Utilities

De gemeente waarin ik woon vroeg burgers mee te denken over hoe een aantal wijken van het aardgas zouden kunnen. Nu hebben de ambtenaren goed nagedacht over welke wijken ze als eerste willen aanpakken: een wijk met veel huurwoningen in de lagere prijsklasse, een middenklasse wijk en eentje waar een gemiddeld huis niet onder de zeven ton van de hand gaat. Opvallend is dat de gemeente naast elektrificatie, stadsverwarming en zonneboilers ook hybride warmtepompen en duurzame gassen overweegt. Helemaal van het gas af wil men dus niet.De keuze voor deze drie wijken legt de grootste pijnpunten van de energietransitie bloot: de lastenverdeling. Want waar de duurdere huizen waarschijnlijk een absoluut hogere energierekening hebben, ervaren de huurders hun relatief lagere kosten als zwaardere last. En dus gaat de discussie niet alleen over efficiency en inpasbaarheid, maar ook over sociale gelijkheid.

Je kunt gemakkelijk parallellen trekken tussen de energietransitie op woonwijkniveau en de industriële transitie. Ook de industrie kent partijen met zulke kapitaalsintensieve assets dat hogere energiekosten niet direct het sein voor sluiten of verhuizen zijn. Terwijl er ook genoeg partijen zijn die nu al in de marges werken en waar de hoge gasprijs net de druppel kan zijn. In dat licht lijkt van het gas af de meest voor de hand liggende keuze, ware het niet dat alternatieven nog een stukje duurder zijn. Elektrificatie vraagt om miljardeninvesteringen in duurzame opwekcapaciteit en infrastructuur en ook biobased is niet altijd goedkoper en onomstreden.

De harde realiteit is dat het leeuwendeel van de elektriciteit nog steeds van gascentrales komt, en die rekenen hoge gasprijzen gewoon door in de stroomprijs. De drie kolencentrales zijn momenteel de enige energiebronnen die echt een goed rendement draaien, maar dat is wat betreft emissies ook niet wenselijk.

De roep om politiek leiderschap wordt dan ook steeds groter. Het eindpunt van de energietransitie is bekend, de route er naartoe is echter nog onzeker. Van het gas afgaan kan een verstandige keuze zijn, maar breng dan ook in beeld wie buiten de boot valt. Want welke keuze de nieuwe leiders ook maken: ze moeten draagvlak houden. Anders kan het nog een hele vervelende reis worden richting een CO2-neutrale samenleving.

Vloeibaar aardgas (LNG) blijft centraal staan om de continuïteit van de wereldwijde aardgasvoorziening te waarborgen. Dat zegt de International Energy Agency (IEA) na het uitbrengen van een nieuw LNG-rapport. Het vloeibare gas speelde een belangrijke rol in de aanpassing van de sector aan de daling van de wereldwijde vraag naar gas in de eerste helft van 2020.

Het internationale energieagentschap verwacht een daling van de wereldwijde vraag naar gas van drie procent. Ofwel 120 miljard kubieke meter (bcm). De grootste jaarlijkse daling die ooit is geregistreerd, sinds de publicatie van het Global Gas Security Review. Het rapport benadrukt dat de LNG-handel sterk afneemt ten opzichte van het hoge niveau van 2018. Covid-19 heeft wel invloed op de historische vraagdaling, Maar de sterke daling is grotendeels het resultaat van overschotten in de markt. Tegelijkertijd zijn investeringen tot stilstand gekomen. Zo zijn er dit jaar nog geen nieuwe liquefactieprojecten aangekondigd, terwijl 2019 een record aan projecten kende.

Flexibiliteit

In de vertraagde gasmarkt blijft LNG een centrale rol spelen bij het in evenwicht brengen van de mondiale markten. Het vloeibare gas creëert voldoende flexibiliteit om mee te veren met fluctuaties in de gasvraag. De gasproducenten en exporteurs werden in de eerste helft van het jaar geconfronteerd met een ongekende daling van de wereldwijde vraag naar gas. Als antwoord daarop daalde de maandelijkse wereldwijde export tussen januari en juli 2020 met zeventien procent.

Het IEA is in de eerste editie van de Global Gas Security Review vijf jaar geleden begonnen met het bijhouden van de flexibiliteit in de LNG-markten. Sindsdien zag het agentschap een opmerkelijke verbetering in een reeks flexibiliteitsmaatstaven voor deze markt. ‘Dankzij de toegenomen leveringszekerheid kon de markt zich aanpassen aan de historische vraagschok die zich in de eerste helft van 2020 voordeed’, aldus IES-directeur Fatih Birol.

Gasverbruik daalt

De wereldwijde vraag naar gas is in de eerste helft van 2020 naar schatting met vier procent gedaald. Die daling kwam door de combinatie van de Covid-19-crisis en een uitzonderlijk milde winter op het noordelijk halfrond. De meeste dalingen in het gasverbruik waren te zien in volwassen markten in Europa, Noord-Amerika en Azië. Samen zijn deze markten goed voor meer dan tachtig procent van de verwachte daling van de wereldwijde vraag naar aardgas in 2020.

In het tweede kwartaal van 2020, toen de lockdowns wereldwijd op hun hoogtepunt waren, daalden de spotprijzen voor aardgas in alle grote gasverbruikende regio’s tot hun laagste niveau in tien jaar. In het derde kwartaal lieten de prijzen daarentegen een sterke stijging zien, ondersteund door aanpassingen aan het aanbod en vraagherstel.

Covid-crisis

De vraag naar aardgas zal naar verwachting in 2021 met drie procent, of ongeveer 130 bcm, toenemen. De recente heropleving van Covid-19 en het vooruitzicht van een langdurige pandemie verhogen echter de onzekerheid over het tempo van het herstel in 2021. Het herstel van de wereldwijde vraag naar gas in 2021 zal waarschijnlijk worden ondersteund door snelgroeiende markten in Azië, Afrika en het Midden-Oosten. De meer volwassen markten zouden zich geleidelijk moeten herstellen en sommige zullen wellicht pas in 2022 of later terugkeren naar hun niveau van 2019.

De gaswinning uit het Groningenveld daalt komend jaar naar maximaal 8,1 miljard kuub. Dat is 1,2 miljard kuub minder dan in juni was voorzien. Dat staat in een Kamerbrief van minister Wiebes (Economische Zaken en Klimaat) over het zogenaamde vaststellingsbesluit. Het is voor het eerst sinds eind jaren zestig dat er onder de 10 miljard kuub wordt gewonnen in Groningen.

Minister Wiebes besloot in 2018 om de gaswinning te stoppen vanwege de veiligheid van de Groningers. Naar verwachting is er vanaf medio 2022 geen gas meer nodig uit het Groningenveld, in een jaar met normale weersomstandigheden.
Een aantal locaties blijft daarna stand-by. Daar wordt nog een minimale hoeveelheid gas gewonnen. Op die manier is een klein aantal stations gebruiksklaar als dat plotseling nodig is, bijvoorbeeld bij een extreem strenge winter, in combinatie met uitval van grote installaties.
Door de gaskraan te sluiten, vermindert de kans op aardbevingen als gevolg van de gaswinning in Groningen. In het regeerakkoord was oorspronkelijk nog besloten dat de winning de komende jaren rond de 20 miljard kuub zou bedragen.

Niet geheel verrassend gebruikte de industrie minder gas in het tweede kwartaal van 2020 dan een jaar eerder. Het CBS meldt een afname van negen procent. Met name de chemische industrie verbruikte dankzij de coronacrisis minder gas (min veertien procent).

In de periode van week 14 tot en met week 24 van 2020 was het aardgasverbruik van de Nederlandse industrie gemiddeld 9 procent lager dan het gasgebruik in diezelfde periode in 2019. Bij elkaar is er bijna een volle week aan industrieel gasverbruik minder dan een jaar eerder. Vanaf week 14, drie weken na het sluiten van de scholen en de oproep om thuis te werken, ligt het gasverbruik van de industriële sector lager dan in dezelfde periode in het voorgaande jaar. Dit blijkt uit de meest recente cijfers van het CBS, gebaseerd op het gasverbruik van industriële verbruikers van het landelijk gasnetwerkbedrijf GTS.

Grootverbruikers

De ontwikkeling van het aardgasverbruik van de industrie geeft een beeld van de activiteit van industriële bedrijven die veel energie verbruiken. Een goed beeld hiervan wordt verkregen aan de hand van het gasverbruik van industriële grootverbruikers die op het hoofdnet van het landelijk gasnetwerkbedrijf GTS zijn aangesloten.

In 2019 was de industrie verantwoordelijk voor ongeveer 30 procent van het totale Nederlandse gasverbruik. 300 grootverbruikers die waarneembaar zijn via het netwerk van GTS zijn goed voor ongeveer 75 procent van het industriële gasverbruik. Deze 300 verbruikers zijn door het CBS geclassificeerd en vormen de basis van de analyse in dit bericht.

Zes branches

Zes branches domineren het gasverbruik door de Nederlandse industrie. Deze waren in 2019 gezamenlijk goed voor ruim 90 procent van het totale industriële gasverbruik. De chemische industrie neemt ruim de helft van het gasverbruik in de industrie voor haar rekening. Dit wordt op ruime afstand gevolgd door de voedingsmiddelenindustrie.

Sterkste afname gasverbruik in chemische industrie

In de chemische industrie was de daling van het gasverbruik het grootst. In de geanalyseerde periode was het verbruik 14 procent lager dan het jaar ervoor. Opvallend is de stijging in de aardolie-industrie. De stijging is, zoals in het dashboard te zien is, voor een groot deel te verklaren door groot onderhoud in 2019.

Half februari 2020 is een succesvolle start gemaakt met de gaswinning uit de nieuwe Noordzee gasput L5a-D4 op het Nederlandse deel. Deze put ligt in het L5a-D veld op iets meer dan 100 kilometer ten noorden van Den Helder.

Lex de Groot, managing director van Neptune Energy in Nederland zegt: ‘De nieuwe Noordzee gasput L5a-D4 betreft een zogenoemde hoge druk, hoge temperatuur-put en is geboord tot een diepte van 5,5 kilometer onder de Noordzee. Door deze uitdagende omstandigheden heeft het boorproces langer geduurd dan bij conventionele putten. Mooi om te zien dat deze uitdagende boring in het diepst producerende gasveld in het Nederlandse deel van de Noordzee veilig is gelukt. Veiligheid staat bij ons altijd op de eerste plaats.’

CO2-armere energie

De Groot vervolgt: ‘Nederland gaat richting een CO2-arme energievoorziening. Deze twee nieuwe putten dragen daaraan bij. Waar wind- en zonne-energie steeds meer ons elektriciteitsaanbod verduurzamen, is daarnaast het inzetten van Nederlands offshore aardgas om Nederlandse huizen te verwarmen de meest logische keuze. Nederlandse gaswinning uit de kleine velden op de Noordzee dragen direct en indirect bij aan de Nederlandse economie. Daarnaast is aardgas de minst vervuilende fossiele brandstof en kent Nederlands aardgas een ca. 30% lagere CO2-uitstoot dan geïmporteerd aardgas. Dat is een niet te onderschatten verschil als het gaat om het behalen van de Nederlandse klimaatdoelstellingen. Ook de economische bijdrage aan Nederland moeten we zeker niet vergeten. Natuurlijk, in de loop der tijd zal het aandeel aardgas gaan afnemen, maar voorlopig is het nog een belangrijk onderdeel voor onze energiemix.’

Naast deze boring in L5a heeft Neptune Energy vorig jaar nog een boring gedaan. Dat betrof de E17a-A6 put. Deze put ligt op bijna 160 kilometer van Den Helder en is al in oktober vorig jaar succesvol in productie genomen.

Partners in L5a-D4 zijn: Neptune Energy Netherlands (60%), EBN (40%).

De Nederlandse gasvoorraden nemen sneller af dan de schattingen van de Nederlandse Staat tot nog toe laten zien. Dat concluderen Lucia van Geuns en Jilles van den Beukel van the Hague Center for Strategic Studies. Ontwikkeling van kleine velden is steeds ongunstiger door langere vergunningsprocedures en een verslechterd belastingregime. Daardoor wordt Nederland afhankelijker van import, wat ongunstig uitpakt voor de CO2-uitstoot.

In de afgelopen tien jaar hebben de langetermijnprognoses voor de Nederlandse aardgasproductie in kleine velden de productie voortdurend overschat. De belangrijkste reden hiervoor is niet technisch of geologisch, maar eerder een onderschatting van de snelheid waarmee het bedrijfsklimaat voor de Nederlandse gasindustrie is verslechterd.

Tot deze conclusie komen Lucia van Geuns en Jilles van den Beukel van the Hague Center for Strategic Studies. In het rapport Detoriation for Dutch small natural gas fields leggen de onderzoekers uit waarom de oliemaatschappijen terughoudend zijn in investeringen in de kleine Nederlandse gasvelden.

Mijnwet

Er zijn minder projecten gerealiseerd dan verwacht en de projecten die wel zijn gerealiseerd, duurden langer dan verwacht. De vergunningsprocedures nemen veel tijd in beslag, zeker na de invoering van een nieuwe mijnwet. Het belastingregime is minder gunstig dan in de Britse zuidelijke Noordzee. Lokale overheden maken vaak gebruik van alle mogelijkheden die de nieuwe mijnbouwwet biedt om projecten zoveel mogelijk te vertragen.

Lage prijzen

De huidige lage gasprijzen maken het voor Nederlandse gasproducenten moeilijker om aan financiering te komen. Een lage casusvoorspelling, uitgaande van een verdere verslechtering van het investeringsklimaat, voorspelt dat de Nederlandse aardgasproductie in 2030 vrijwel geheel zal zijn stopgezet.

Import

Aangezien het Nederlandse aardgasverbruik de komende tien jaar naar verwachting relatief constant zal zijn, zal de gasinvoer drastisch toenemen. Binnen de EU wordt Nederlands gas vervangen door Russisch pijpleidinggas en LNG-import.

Uitstoot

De totale uitstoot van broeikasgassen voor geïmporteerd aardgas is ongeveer dertig procent hoger dan die van Nederlands gas. Dit komt door methaanlekkages en de energie die nodig is om gas over lange afstanden te transporteren. Op wereldschaal wordt hiermee alle vooruitgang tenietgedaan die momenteel wordt geboekt door het vergroten van het aandeel van zon en wind in de Nederlandse energiemix.

 

Gasterra, het verkoopkantoor van Gronings gas, wordt de komende jaren geleidelijk afgebouwd. Door het stopzetten van de gaswinning in Groningen komt ook de kernactiviteit van Gasterra op termijn te vervallen. De gezamenlijke aandeelhouders hebben de directie van Gasterra gevraagd een plan op te stellen voor een zorgvuldige afbouw waarbij de onderneming haar verplichtingen kan blijven nakomen.

Dat staat in een brief die minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. De medewerkers van Gasterra zijn vandaag over het besluit geïnformeerd. Uitgangspunt van het afbouwplan is dat Gasterra ook de komende periode kan blijven bijdragen aan een verantwoorde afbouw van de gaswinning uit het Groningenveld en bovendien aan haar lange termijnverplichtingen kan voldoen. Voor de circa 165 medewerkers komt een sociaal plan.

Gasterra is onder meer verantwoordelijk voor de verkoop van het door NAM geproduceerde Groningengas. De onderneming is een publiek-private samenwerking tussen de overheid, Shell en ExxonMobil. De Staat bezit de helft van de aandelen.

Minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes moet beter motiveren waarom NAM de Groningse gaswinning na het huidige gasjaar 2018-2019 niet sneller kan afbouwen naar nul. Dat zegt de Raad van State. De minister maakte niet duidelijk welke inspanningen tegen welke kosten mogelijk zijn om de gasvraag van industriële grootverbruikers, de glastuinbouw en de gasexport sneller af te bouwen.

Aanleiding voor de uitspraak zijn beroepschriften van inwoners van Groningen, de Groninger Bodem Beweging, provinciale staten van Groningen en diverse Groningse gemeenten tegen het instemmingsbesluit van de minister over de gaswinning.

Snel beëindigen

Bij het bepalen van de maximale hoeveelheid gas die de NAM in het gasjaar 2018-2019 mag winnen, woog de minister het veiligheidsbelang van de Groningers en de leveringszekerheid tegen elkaar af. Bij dat veiligheidsbelang hechtte de minister veel waarde aan de beslissing van het kabinet van 29 maart 2018 om de gaswinning zo snel mogelijk te beëindigen.

Hoge eisen

Het grote belang van de veiligheid in deze afweging maakt dat de minister goed moet uitleggen op welke manier hij op zo kort mogelijke termijn een einde wil maken aan de gaswinning. En omdat hierbij de grondrechten van Groningers in het geding zijn, stelt de Raad van State hoge eisen aan deze uitleg.

Afbouw gasvraag

De motivering van de minister voldoet voor de periode ná het gasjaar 2018-2019 niet aan die hoge eisen, oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak. De minister moet concreet duidelijk maken waarom de gaswinning in Groningen niet sneller kan worden afgebouwd. Hij deed dat niet voor de sectoren industriële grootverbruikers, glastuinbouw en gasexport. Daarom vernietigt de Afdeling bestuursrechtspraak het instemmingsbesluit van de minister.

Voor het huidige gasjaar 2018-2019 stelde de minister het gaswinningsniveau wel juist vast. De minister maakte voor dit gasjaar namelijk aannemelijk dat het winnen van minder gas grote maatschappelijke gevolgen kan hebben. Bovendien is de norm die de minister hanteert voor de berekening van de kans op het grootste veiligheidsrisico, een overlijden als gevolg van een aardbeving, voor dit gasjaar aanvaardbaar. De minister hoeft voor dit gasjaar dan ook geen lager gaswinningsniveau vast te stellen.

Netbeheerder Liander verlaagt de temperatuur van het gas in bijna tweehonderd gasontvangststations met twee graden. Hierdoor wordt jaarlijks 5,4 kiloton CO2-uitstoot en 3 miljoen kubieke meter gas bespaard.

Bij de gasontvangststations komt het aardgas via het landelijke netwerk van netbeheerder Gasunie aan bij het regionale netwerk van Liander, om vervolgens verder gedistribueerd te worden. Op dit moment wordt het gas in die stations nog verwarmd tot vijf graden. Afgelopen periode hebben Liander en Gasunie onderzocht of de temperatuur kan worden verlaagd, zodat de verwarmingsketels minder hoeven te stoken.

Na succesvolle testen bij het gasstation in Gorredijk en de eerste toepassing in de praktijk op Terschelling is besloten om de temperatuur van het gas in bijna tweehonderd stations te verlagen naar drie graden. De gasbuizen kunnen de verlaging aan en het heeft geen effect voor klanten. Naar verwachting is de verlaging van de temperatuur in alle stations voor de zomer afgerond. Ook bij de andere netbeheerders wordt gekeken naar een soortgelijke aanpassing.

In 2018 was Nederland voor de eerste keer netto importeur van aardgas. De importwaarde van aardgas was bijna 12 miljard euro, 43 procent hoger dan in 2017. Nederland exporteerde mede dankzij hogere prijzen voor 9,8 miljard euro aardgas. Het handelstekort kwam uit op 2,1 miljard euro. Dit meldt het CBS op basis van voorlopige cijfers van de Nederlandse goederenhandel.

De Nederlandse uitvoerwaarde van aardgas in de periode 2000–2018 was in totaal 202 miljard euro. In diezelfde periode was de waarde van de gasinvoer ruim 101 miljard euro, zodat het handelsoverschot in aardgas uitkwam op afgerond 100 miljard euro. In 2012 was dit overschot het grootst met ruim 10 miljard euro. In 2012 en 2013 bereikte de Nederlandse uitvoerwaarde een historisch hoog niveau met ruim 17 miljard euro. In deze jaren was in de koude winter in Europa meer vraag naar aardgas. Daarnaast was de uitvoerprijs van aardgas in die jaren relatief hoog. In 2018 was de aardgasexport 9,8 miljard euro. Dat is 43 procent minder dan zes jaar eerder.

Meer buitenlands aardgas

De afgelopen jaren vond in de provincie Groningen een reeks van aardbevingen plaats. Het kabinet nam in maart 2018 het besluit om de winning van aardgas in het Groningerveld af te bouwen. Inmiddels is tussen 2012 en 2018 de winning van aardgas meer dan gehalveerd. De import van gas, vooral uit Noorwegen en Rusland, is in de laatste jaren juist toegenomen. In 2018 werd bijna 56 miljard kubieke meter aardgas geïmporteerd. Dat is ruimschoots een verdubbeling in vergelijking met 2012.

Van het ingevoerde aardgas is 7 procent LNG. De import van dit vloeibare gas was vorig jaar 4 miljard m3, tegen 1,5 miljard m3 een jaar eerder.