Cogas Archieven - Utilities

Netbeheerder Cogas Infra en Beheer en de innovatieve startup ValueA gaan een proefproject aan voor het intelligenter maken van het energiedistributienet. Met slimme software kunnen diverse databronnen efficiënt, betrouwbaar en slim worden gecombineerd en geanalyseerd. Dit geeft de netbeheerder cruciale informatie op het gebied van de technische conditie van de distributienetten, de toepassing van duurzame bronnen, energiediefstal en andere relevante ontwikkelingen.

Netbeheerders staan voor grote uitdagingen om de transitie naar een duurzame energievoorziening te faciliteren. De snelle uitbreiding van bijvoorbeeld zonnepanelen, warmtepompen en elektrische laadpalen leidt tot onzekerheid over de noodzakelijke investeringen in het laagspanningsnet. Ook de investeringen in het gasdistributienet moeten geoptimaliseerd worden, nu steeds meer wijken overstappen van aardgas op elektriciteit en warmte.

Met de intelligente software van ValueA kunnen netbeheerders grote hoeveelheden data uit het distributienet analyseren en monitoren. Door gegevensbronnen slim te combineren en data in relatie tot elkaar te zetten, krijgt de netbeheerder grip op de energietransitie.

De oprichters van ValueA waren eerder betrokken bij het tot stand komen van Energie Data Service Nederland, de uitvoeringsorganisatie van de netbeheerders die de afgelopen jaren een uitgebreide infrastructuur heeft opgezet voor gegevensbeheer en berichtenverkeer in de energiemarkt. Het ontbrak echter nog aan tools om data efficiënt te combineren en verwerken, om op die manier in te kunnen spelen op de gevolgen van de energietransitie. Een systeem dat de data kan verwerken van bijvoorbeeld de 15 miljoen slimme meters die Nederland in 2020 telt, is technologisch zeer uitdagend en op deze schaal nog niet eerder gedaan. De startup heeft deze innovatieve technologie nu ontwikkeld en succesvol getest.

Cogas gaat met ValueA een proefproject aan tot medio 2018 om het systeem in de praktijk te brengen. Hiermee kan de netbeheerder betere investeringsbeslissingen nemen over uitbreiding, onderhoud en vervanging van de gas- en elektriciteitsnetten. Ook draagt het bij aan de veiligheid van monteurs, omdat zij meer inzicht krijgen in het gebruik van het net. Voorts kunnen netverliezen, bijvoorbeeld door illegale hennepkwekerijen, beter worden opgespoord. Een eerste voorzichtige schatting van het potentiële efficiëntievoordeel bij Cogas komt uit tussen de 300.000 en 900.000 euro per jaar. Voor alle netbeheerders in Nederland gezamenlijk is dit tientallen malen hoger.

Om de groei van startup naar scale-up op een beheersbare en gecontroleerde wijze vorm te geven, krijgt ValueA ondersteuning van het Energy Venture Lab. Dit partnerschap tussen de Universiteit van Groningen, Gasunie, GasTerra, Energy Academy Europe en ENGIE ondersteunt met kennis, een uitgebreid netwerk en mogelijk ook venture capital. Samen met de Universiteit van Groningen worden momenteel ook gesprekken gevoerd over mogelijke toepassingen van blockchain-technologie voor de energietransitie.

De fijnmazige Nederlandse gasinfrastructuur krijgt een belangrijke rol in de energietransitie. Met name de opslagmogelijkheden en hoge energiedichtheid helpen bij het opvangen van productieschommelingen van duurzame assets en vraagpieken bij lage temperaturen. Biogasnetwerk Twente zet de infrastructuur in voor het transport van biogas. Gerald de Haan, directeur van Cogas, vraagt daarbij wel om experimenteerruimte van de overheid. ‘We moeten eerst een markt creëren, voordat commerciële partijen zullen aanhaken.’

De ingebruikname van de biogasleiding tussen Fleringen en Almelo is de opmaat naar het Biogasnetwerk Twente. De eerste producenten, Gebroeders Oude Lenferink uit Fleringen, werken het uit varkensmest vergist gas eerst ter plekke op tot biogas waarna het een 7,5 kilometer lange leiding in gaat naar Almelo. In Almelo volgt een tweede behandeling in een installatie die het gas opwerkt naar groen gas kwaliteit. Het op deze wijze tot gas van aardgaskwaliteit opgewerkte biogas wordt vervolgens ingevoed in het aardgasnetwerk van de regionale netbeheerder Cogas Infra en Beheer B.V., die het groene gas samen met het grijze gas naar haar afnemers transporteert. Het productievolume ligt momenteel nog op een bescheiden vier miljoen kuub groen gas, maar de ambities van partners Cogas en Gasunie liggen duidelijk hoger. De opwerkingscentrale in Almelo heeft namelijk een veel grotere capaciteit en kan tot zo’n veertig miljoen kuub groen gas produceren. Het bestaande gasleidingnet van zowel Gasunie als Cogas zou daarmee in de toekomst een belangrijke rol kunnen spelen in de energietransitie in het oosten van Nederland.

Cogas-directeur Gerald de Haan ziet een duidelijke rol voor de regionale netbeheerders in de energietransitie. ‘De transitie naar een duurzame energievoorziening is al in volle gang en het is onze taak om de infrastructuur hier zo goed mogelijk op te laten aansluiten, tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Hoewel er steeds meer initiatieven ontstaan voor aardgasloze wijken, is het een misverstand te denken dat we de gasnetwerken ook maar meteen uit de grond zullen halen. Ten eerste heeft de 4400 kilometer leiding van Cogas een boekwaarde van 124 miljoen euro. Maar bovendien is het gasnet een belangrijke schakel in de energietransitie, zeker in een dunbevolkt gebied als Twente en Hardenberg, waar wij ook als netbeheerder werkzaam zijn’

Lagere investeringen

Cogas is als netbeheerder ook verantwoordelijk voor het elektriciteitsnet in een deel van Oost-Nederland. ‘Met de toename van duurzame, intermitterende bronnen als ook een toenemende elektrificering van zowel transport als verwarming, loopt het elektriciteitsnet tegen zijn grenzen aan. Tenminste: op sommige momenten. Want ook typisch voor duurzame energie is het grillige karakter van de stroomproductie. Een elektriciteitsnet moet je dimensioneren op de hoogste belasting en het wordt heel duur om het hele netwerk te optimaliseren op pieken die misschien twee à drie keer per jaar voorkomen.

Gas heeft een aantal intrinsieke eigenschappen die aanvullend kunnen zijn voor elektriciteit en vice versa. Zo is gastransport via pijpleidingen significant goedkoper dan de infrastructuur die nodig is voor elektriciteitstransport. Gas is bovendien eenvoudiger op te slaan en heeft een hoge energiewaarde. Daar komt nog bij dat er verschillende manieren zijn om gas te produceren uit reststromen of bijvoorbeeld door de splitsing van water.

Hybride warmtepomp

Met name voor de warmtevoorziening is gas nog steeds de meest gebruikte energiebron. Het is niet verstandig om die energiebron helemaal uit te sluiten in de energietransitie, want daarmee maak je die transitie onnodig duur. Op momenten van extreme koude, hebben we nu eenmaal veel energie nodig om huizen en kantoren te verwarmen. In de stedelijke omgeving kunnen warmtenetwerken die rol vervullen, maar dat is in een landelijke omgeving niet rendabel omdat de afstanden te groot zijn en het aantal afnemers te klein. Natuurlijk kun je een huis ook met elektrische warmtepompen verwarmen, maar met temperaturen ver onder nul, hebben die heel veel stroom nodig. Op die momenten is gas een veel betere keuze. Ik pleit dan ook voor meer inzet van hybride warmtepompen die elektrisch warmte kunnen produceren onder de normale Nederlandse omstandigheden, maar waarbij gas kan bijspringen bij extremere temperaturen. Op die manier zijn er ook veel lagere volumes aan gas nodig dan momenteel het geval is. In zo’n hybride systeem kan groen gas een waardevolle rol vervullen.’

 

Groene gasrotonde

De energietransitie van fossiele, grootschalige en centrale opwekking naar duurzame, kleinschalige en decentrale opwekking is ook in Twente in volle gang. Dat daarbij ook de netwerkstructuur verandert, is evident. ‘Er bestaat echter geen blauwdruk voor het netwerk van de toekomst’, zegt De Haan. ‘Net als de keuze voor duurzame energie regiogebonden is, zo moet ook het netwerk aansluiten op de eisen van de directe omgeving en de aanwezige mogelijkheden. In een agrarisch gebied als het onze, ligt het voor de hand om mest te vergisten. Zeker nu de emissie-eisen van veeboeren worden bijgesteld, kan vergisting wellicht een oplossing bieden. Uiteraard zijn ook hier voorwaarden aan verbonden. De Gebroeders Oude Lenferink zijn niet voor niets gekozen als eerste leverancier van wat straks de biogasrotonde van Twente moet worden. Het bedrijf heeft al langer ervaring met mestvergisting en kan met hoge betrouwbaarheid biogas leveren. De eerste stap is in dit soort veranderingsprocessen altijd de moeilijkste. Er bestond immers nog geen infrastructuur. Bovendien moet het opgewerkte gas daarna nog worden ingevoed in ons bestaande gasnetwerk. Een tweede aansluiting verloopt al een stuk eenvoudiger en goedkoper omdat we deze kunnen toevoegen aan de bestaande infrastructuur en installaties. We kunnen zowel onze eigen bestaande infrastructuur als die van Gasunie inzetten om een ringleiding te maken door Twente, waardoor een biogasrotonde ontstaat. Er zijn talloze initiatieven in de regio die we zouden kunnen aansluiten. Vandaar ook de voorspelling dat de volumes kunnen vertienvoudigen. Maar dat wil overigens niet zeggen dat invoeding in het gasnet het uitgangspunt is. In sommige gevallen is het efficiënter om het gas direct in te zetten. Dat gaat bijvoorbeeld gebeuren in Noord Deurningen, waar acht mestvergisters direct gas gaan leveren aan twee bedrijven in de buurt. Je zult steeds meer naar maatwerk moeten zoeken en waar infrastructuur nodig is, zouden wij een rol kunnen spelen.’

Wet VEt

Nu is die rol van Cogas in het veranderende energielandschap niet vanzelfsprekend. De Haan: ‘Hoewel de Wet voortgang energietransitie (Vet, red.) is bedacht om dit soort initiatieven te versnellen, houdt het ons tot nog toe vooral tegen omdat wij ons dienen te beperken tot wat ons wettelijk is toegestaan. In het kader van vrije marktwerking wordt de experimenteerruimte van de netbeheerders behoorlijk beperkt. Uiteraard snap ik ook dat een overheidsinstantie geen valse concurrentie mag aangaan met marktpartijen, maar deze markt is zo nieuw dat er nauwelijks marktpartijen zijn. De investeringen die we nu hebben gedaan, verwachten we in ongeveer twaalf jaar terug te verdienen. Dat tijdsbestek is voor een netbeheerder nog wel te overzien, maar commerciële bedrijven zouden hier niet snel aan beginnen.

Het heeft gewoon tijd nodig om een volwassen markt te ontwikkelen. Kijk maar naar de infrastructuur voor elektrische auto’s. De eerste laadpalen werden alleen geplaatst omdat de netbeheerders er in investeerden. Inmiddels is hier een volwassen markt ontstaan met commerciële aanbieders, maar dat heeft wel even tijd nodig gehad. Ik hoop dan ook dat een volgend kabinet de wet VEt naar de prullenbak verwijst. We moeten namelijk alle zeilen bijzetten om de energietransitie pijnloos te laten verlopen. Nederland loopt al behoorlijk achter vergeleken met andere landen en kan het zich niet veroorloven nog meer achter te raken. Wij hebben geen geheimen, werken transparant en maken alle investeringen openbaar. Het vreemde is dat de energieagenda die minister Kamp presenteerde juist een grotere rol  mogelijklijkt te maken voor de netbeheerders. We willen graag meedenken over een schone en betrouwbare energievoorziening. Daarvoor hebben we in ieder geval consistent beleid en een langetermijnvisie nodig die verder gaat dan één regeerperiode. Ik denk dat groen gas uit biomassa of mest en in de toekomst ook waterstof een waardevolle schakel in de energieketen blijven. Laten we er dan in ieder geval voor zorgen dat we de installed base goed uitnutten en de energietransitie betaalbaar houden.’

Hoge potentie

Hoewel de vier miljoen kuub biogas bescheiden lijkt, is de bijdrage van groen gas in het duurzame energieveld significant. Zo is de hoeveelheid energie volgens projectpartner Gasunie te vergelijken met de energie die jaarlijks wordt opgewekt door zes onshore windturbines of die wordt opgewekt door ruim 173.000zonnepanelen. Of, nog een vergelijking, met het de energie die het gas oplevert zouden zo’n drieduizend auto’s een jaar lang kunnen rijden of ruim zes miljoen Tesla Powerwalls kunnen worden gevuld.

Het Biogasnetwerk Twente heeft de potentie om op termijn door te groeien naar 40 miljoen kubieke meter groen gas voor zo’n 25.000 huishoudens. Het aanbod groen gas in Nederland neemt door dit netwerk toe met ruim drie procent. Het aanbod aan groen gas is toegenomen van twee miljoen kuub in 2009 naar 81 miljoen kuub in 2016. Uit de routekaart hernieuwbaar gas uit 2014 blijkt dat er in Nederland in 2030 3,7 miljard kuub biogas kan worden geproduceerd, goed voor 2,2 miljard kuub groen gas.

De regionale netbeheerders Rendo en Cogas gaan zich in naam en logo volledig onderscheiden van de commerciële bedrijven die aan hen zijn verbonden. Dit hebben zij toegezegd aan de Autoriteit Consument & Markt (ACM). De commerciële bedrijven kunnen daardoor niet langer oneigenlijk profiteren van de naamsbekendheid van de netbeheerders waarmee zij zijn verbonden.

Het moet voor afnemers duidelijk zijn met wie ze te maken hebben: met de netbeheerder die wettelijke taken zoals het transport van elektriciteit en gas uitvoert of met een commercieel bedrijf dat aan de netbeheerder is verbonden.

Henk Don, bestuurslid van de ACM: ‘Afnemers moeten weten dat zij voor de commerciële dienst vaak ook bij een ander bedrijf terecht kunnen. Als dat niet duidelijk is, staan concurrenten zonder netbeheerder op achterstand. We willen dat afnemers zien dat ze keuzes hebben.’

Cogas, regionale netbeheerder in Oost-Nederland, heeft toegezegd voor 1 september 2017 de naam en het logo van de netbeheerder te wijzigen. Rendo, regionale netbeheerder in Drenthe en Overijssel, heeft toegezegd voor 3 oktober 2017 de naam en het logo van de commerciële bedrijven te wijzigen.