CPB Archieven - Utilities

De mondiale uitstoot van broeikasgassen is in 2016 opnieuw gestegen, met in totaal een half procent. Dat blijkt uit cijfers van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Opbeurend is wel dat de uitstoot van CO2, (of koolstofdioxide), het bekendste broeikasgas, voor het tweede jaar op rij stabiel is gebleven. “Dat is op zich hoopgevend, maar er moet echt nog een tandje bij”, zegt atmosfeeronderzoeker Maarten Krol van de Universiteit Utrecht als reactie op dit nieuws.

Het feit dat de CO2-uitstoot stabiel is gebleven, is vooral toe te schrijven aan een lager gebruik van kolen en een toename aan hernieuwbare elektriciteit. In Rusland, de VS en Japan daalde de CO2-uitstoot, in de EU en China bleef de uitstoot gelijk aan die van vorig jaar. “En dat is een trendbreuk”, zegt atmosfeeronderzoeker Maarten Krol van de Universiteit Utrecht. “Want de economie is wel gegroeid. Je zou dus kunnen concluderen dat het wat betreft de CO2-uitstoot langzaam de goede kant op gaat.”

Smartphone

Toch moet er nog veel werk verzet worden, om een aantal redenen. In een land als India steeg de uitstoot van koolstofdioxide met bijna vijf procent – een trend die ook in andere opkomende economieën te zien is. “Maar het is niet eerlijk om alleen die landen daar de schuld van te geven”, zegt Krol. “Want als wij een nieuwe smartphone kopen, dan wordt die daar geproduceerd. Wij outsourcen onze productie en daarmee ook een deel van onze uitstoot. Het is dus net zo goed ons probleem.”

‘De veestapel in China en India zal gaan groeien en daarmee ook de methaanuitstoot ook’

Daarnaast is het zo dat de uitstoot van CO2 dan wel stabiel gebleven is, de concentratie van koolstofdioxide in de atmosfeer stijgt nog steeds. “Voor het industriële tijdperk was het aantal CO2-deeltjes ongeveer 270 op één miljoen. We zitten nu op ongeveer 400 deeltjes per miljoen en dat aantal stijgt ieder jaar met twee. Als we de opwarming van de aarde willen tegenhouden, dan moeten we terug onder de 400.”

Probleem

Eveneens zorgwekkend is het feit dat er in 2016 een procent meer methaan werd uitgestoten dan in 2015. Methaan is een wat minder bekend broeikasgas, maar veel schadelijker dan koolstofdioxide. “De vleesindustrie is verantwoordelijk voor een groot deel van de methaanuitstoot. En als landen als India en China welvarender worden, zullen hun inwoners steeds vaker vlees willen eten. De veestapel zal groeien en de methaanuitstoot ook – dat wordt een groot probleem”, zegt Krol. “Het enige voordeel is dat methaan binnen tien jaar uit de atmosfeer is verdwenen. Dus als we de emissies omlaag krijgen, dan zijn we ook redelijk snel van het probleem af.”

De energietransitie staat nog niet op het netvlies van de gemiddelde Nederlander, zo blijkt uit het vierde kwartaalbericht over het continu onderzoek Burgerperspectieven (COB) van het Sociaal Cultureel Planbureau. Ook dwingende milieumaatregelen ziet de gemiddelde Nederlander niet zitten, tenzij ze gericht zijn tegen bedrijven.

In het vierde kwartaalbericht van 2016 over het Continu Onderzoek Burgerperspectieven (COB) is er speciale aandacht voor de energietransitie. In het COB peilt het SCP de stemming in Nederland en opvattingen over politieke en maatschappelijke kwesties

Dit kwartaal is in de enquête en in de gesprekken met vier focusgroepen ingegaan op de energietransitie, de overgang van fossiele brandstoffen naar duurzame energie. Dat is geen urgent vraagstuk in de publieke opinie. Slechts twee procent van de bevolking noemt spontaan woorden als ‘klimaat’, ‘(groene) energie’ of ‘duurzaam’ als gevraagd wordt naar de grootste maatschappelijke problemen.

Afscheid fossiele brandstoffen

Ongeveer de helft van de bevolking is het eens met de stelling dat Nederland sneller dan nu het gebruik van fossiele brandstoffen moet verminderen. Men denkt dat deze energietransitie onvermijdelijk is, omdat fossiele brandstoffen opraken en om afhankelijkheid van onbetrouwbare landen te vermijden. Burgers koppelen de noodzaak voor de energietransitie niet direct aan de opwarming van de aarde. Desgevraagd vindt 41 procent van de geënquêteerden wel dat overtuigend is aangetoond dat het gebruik van fossiele brandstoffen grote invloed heeft op het klimaat (19 procent is het daarmee oneens; 41 procent is neutraal of weet het niet).

Liever zon dan wind

Zonne-energie is veel populairder dan windenergie. Mensen associëren windenergie met geluidsoverlast en horizonvervuiling. En men betwijfelt of windenergie rendabel is. Vooral windmolens op land moeten het ontgelden.

Overheidsdwang

In het algemeen is er weinig steun voor dwingende milieumaatregelen vanuit de overheid. Slechts vijftien procent ziet graag dat de overheid veel harder optreedt door vormen van energiegebruik te verbieden of zwaar te belasten en door hoge eisen te stellen aan energiebesparing en verduurzaming. Uitzondering zijn milieumaatregelen voor bedrijven. Slechts 13% van de bevolking is van mening dat de overheid bedrijven zelf moet laten beslissen hoe het milieu te sparen, zelfs als dat betekent dat zij niet altijd het juiste doen.