EBN Archieven - Utilities

Havenbedrijf Rotterdam, Gasunie en EBN onderzoeken gezamenlijk de mogelijkheden om een basisinfrastructuur te realiseren voor het verzamelen en transporteren van CO₂ in het Rotterdamse havengebied, dat vervolgens opgeslagen kan worden in (lege) olie- en gasvelden onder de Noordzee.

Carbon Capture and Storage (CCS) wordt zowel internationaal als in het regeerakkoord genoemd als een belangrijk instrument om tijdig de CO₂-uitstoot terug te dringen. Internationale energieadviesorganen zoals IPCC, IEA en PBL noemen CCS als essentieel middel om de klimaatafspraken van Parijs te realiseren. Met name olieraffinaderijen en de chemiesector beschikken op korte termijn over onvoldoende hernieuwbare of circulaire alternatieven om tijdig de hoeveelheid CO2-uitstoot te reduceren die nodig is voor het behalen van klimaatdoelstellingen. Met afvang en opslag van CO₂ krijgen deze voor Nederland maatschappelijk en economisch belangrijke sectoren mogelijkheden om de CO₂-uitstoot te verminderen in de periode dat ze de transitie naar biobased, hernieuwbaar of circulair nog niet gemaakt hebben.

Snel toepasbaar

CCS is onderdeel van een breed palet maatregelen voor CO₂-reductie, naast fundamentele innovaties in productieprocessen en –ketens, zoals biobased industrie, hernieuwbare energie, elektrificatie van de industrie, recycling, ontwikkeling van waterstof als energiedrager, geothermie enzovoorts. om de economie te verduurzamen. CCS wordt vooral beschouwd als een kosteneffectieve en snel toepasbare oplossing die er gedurende de transitie voor zorgt dat klimaatdoelstellingen kunnen worden gehaald.

Havenbedrijf Rotterdam, Gasunie en EBN onderzoeken daarom gezamenlijk de mogelijkheden om een basisinfrastructuur te realiseren voor het verzamelen en transporteren van CO₂ in het Rotterdamse havengebied, dat vervolgens opgeslagen kan worden in (lege) olie- en gasvelden onder de Noordzee.

Twee miljoen ton CO2-afvang in 2020

Planning is deze haalbaarheidsstudie rond de jaarwisseling af te ronden. Bij een positieve uitkomst volgt dan verdere uitwerking van het project voor bijvoorbeeld engineering, governance, aansprakelijkheden en een eventuele business case. De partijen streven er naar om in 2018 een investeringsbeslissing te nemen. Het systeem kan dan in 2020 operatoneel zijn. De ambitie is om vanaf 2020 twee miljoen ton CO₂ per jaar op te slaan oplopend naar vijf miljoen ton per jaar in 2030. Alle industrieën in Rotterdam samen stootten in 2015 bijna 30 miljoen ton CO₂ uit.

Backbone

Gasunie, Havenbedrijf en EBN gaan in het kader van de studie uit van een robuuste basisinfrastructuur voor transport en opslag (een ‘backbone’), waar diverse bedrijven hun CO₂ in kwijt kunnen. Door deze ringleiding (‘backbone’) en opslaginfrastructuur als een ‘collectieve voorziening’ op te zetten, zijn er belangrijke kostenvoordelen. De verwachting is dat dit ook gunstig doorwerkt in het Rotterdamse vestigingsklimaat, waar industrie straks met een lagere CO₂-footprint zal kunnen produceren dan elders.

Er lopen gesprekken met verschillende bedrijven in de chemie en raffinagesector over het afvangen en leveren van CO₂. Tot aanleg van de infrastructuur wordt pas overgegaan als duidelijk is dat bedrijven ook daadwerkelijk van het systeem gebruik gaan maken.

 

CO2 als grondstof of voedingsstof

Het ligt in de bedoeling om, naast opslag onder de Noordzee, ook meer CO₂ aan tuinders te leveren en in de toekomst mogelijk ook aan andere (industriële) afnemers (CCU). Twee bedrijven, Alco en Shell, leveren nu al CO₂ aan de glastuinbouw in het Westland. Tuinders gebruiken dit om hun gewassen sneller te laten groeien. Onder invloed van zonlicht zetten planten CO₂ en water om in glucose en zuurstof.

Industriele CO2

CCS wordt op verschillende plaatsen in de wereld, met name buiten Europa, al succesvol toegepast. Eerdere initiatieven in Nederland vonden geen doorgang. De reden waarom dit nieuwe project als kansrijk wordt gezien is dat het nu gaat om opslag van CO₂ onder de Noordzee (niet onder land, zoals destijds beoogd bij Barendrecht), waarbij de CO₂ afkomstig is van industrie (niet van kolencentrales, zoals in het recent gestopte ROAD-initiatief) waarvoor op korte termijn geen volledig circulair of biobased alternatief is. Alle betrokken partijen zijn zich ervan bewust dat maatschappelijk draagvlak even wezenlijk is voor realisatie als technische, financiële en economische aspecten dat zijn.

Hansa Hydrocarbons, Oranje-Nassau Energie en EBN melden dat ze een substantieel volume aardgas aanboorden in exploratiebron N05-1 in het zogenaamde GEMS-gebied. De aangeboorde put zou volgens Hansa 1,5 miljoen kuub gas per dag kunnen produceren. Bovendien heeft men hoge verwachtingen van de rest van het consessie-gebied.

De Ruby-bron, zoals de partijen het nieuwe veld noemden, strekt zich uit over de N04, N05, N08 en Geldsackplate licenties die zich in zowel het Nederlandse als het Duitse deel van de Noordzee bevinden.

John Martin, CEO van Hansa Hydrocarbon: ‘Het succes van de Ruby-ontdekking is van groot belang. Niet alleen hebben we een substantieel volume aangetoond, maar het bevestigt ook de omvang van de tot nu toe slecht begrepen basale Rotliegend-zand in het offshore bassin.

Hansa boorde in 2010 een put in het L01-2 gebied waarmee het een geologisch model kon ontwikkelen met behulp van moderne herwerkte 3D-seismiek. De N05-1-put heeft dit model nu gevalideerd waardoor men ook hoge verwachtingen heeft van andere reservoirs in de GEms, Geldsackplate en 4Quads (G18, H16, M03, N01) licenties in het noorden.

Havenbedrijf Rotterdam is zeer teleurgesteld in de aankondiging van Uniper en Engie dat ze willen stoppen met het CO2-afvang en -opslagproject ROAD. Het Havenbedrijf en EBN gaan echter door met de verkenning naar een basisinfrastructuur voor het verzamelen en transporteren van CO2.

CCS is een van de belangrijkste manieren om de CO₂-uitstoot van de kolencentrales te verkleinen. De bedrijven komen de door hen gewekte verwachting voor een grootschalige proef met CCS niet na. Het Havenbedrijf is van mening dat de kolencentrales nog lange tijd open kunnen blijven mits zij de negatieve milieu-impact van de CO₂-uitstoot beperken door uitkoppeling van warmte voor met name de industrie, door CCS en/of door de bijstook van biomassa of lignine. Het Klimaatakkoord van Parijs noodzaakt immers de CO₂-uitstoot stelselmatig terug te dringen. Bedrijven kunnen daar de ogen niet voor sluiten.

CCS wordt internationaal, maar ook in de nationale Energieagenda, gezien als een belangrijk instrument om de CO₂-uitstoot terug te dringen. Met name olieraffinaderijen en de chemiesector beschikken nog over onvoldoende hernieuwbare of circulaire alternatieven. Met afvang en opslag van CO₂ krijgt deze economisch en maatschappelijk belangrijke sector mogelijkheden om de CO₂-uitstoot te verminderen.

Basisinfrastructuur

Havenbedrijf Rotterdam, Gasunie en EBN voeren daarom gezamenlijk een verkenning uit naar het realiseren van een basisinfrastructuur voor het verzamelen en transporteren van CO₂ in het Rotterdamse havengebied, dat vervolgens opgeslagen kan worden in lege gasvelden onder de Noordzee. Door deze ringleiding en opslaginfrastructuur als een ‘collectieve voorziening’ op te zetten, zijn er belangrijke kostenvoordelen.

Het streven is dat eind 2017/begin 2018 de beslissing genomen wordt voor de volgende stap. De partijen zijn in gesprek met het ministerie van Economische Zaken over dit concept. Ook met de Europese Commissie lopen gesprekken.