IEA Archieven - Utilities

Het internationale agentschap voor energie (IEA) lanceerde een energietransitieprogramma dat de meest vervuilende landen moet helpen bij de introductie van schone energie. Een dertiental landen legde hiervoor een bedrag van in totaal dertig miljoen euro opzij.

De energietransitie is in veel landen in volle gang, maar met name in de opkomende economieën neemt de vervuiling alleen maar toe. De IEA wil juist deze landen helpen bij de ontwikkeling van schonere vormen van energie. De grootste bijdrage komt van het Verenigd Koninkrijk, dat acht miljoen bijdraagt aan het fonds. Maar ook Duitsland (zes miljoen euro), en Zweden (5,2 miljoen) dragen bij. Nederland doneerde geen geld, maar sloot zich wel aan bij het programma.

Opkomende economieën

Het IEA concentreert zich in zijn programma’s met name op landen die meer samenwerking zoeken met het internationale energie instituut zoals Brazilië, China, India, Indonesië, Mexico en Zuid-Afrika. Tevens zoekt men naar partnerlanden waar de investeringen de grootste impact zullen hebben op de CO2-uitstoot.

Het onderzoek dat met het programma gepaard gaat, concentreert zich met name op data en statistiek, energie efficiency, hernieuwbare energie en systeemintegratie, beleid en modulering en tot slot technologieontwikkeling en innovatie.

Het IEA meldt opnieuw lage olieprijzen. De prijs voor een vat Brentolie is al sinds begin juni lager dan vijftig dollar. Een overschot op de markt, met name door overproductie van Nigeria en Libië zorgt ervoor dat de prijzen nog wel even onder druk blijven.

De afspraken die de Opec-landen in februari maakten om het productieoverschot in te perken, lijken weinig effect te hebben op de olieprijs. Nadat de productieafspraken waren ondertekend, steeg de olieprijs naar ongekende hoogten. De maanden daarna bleek de balans op de oliemarkt nog niet hersteld en zakten de prijzen maandelijks.

Met name Libië en Nigeria produceren meer olie dan was afgesproken. Daarmee is maar 78 procent van de afgesproken productiedaling ingewilligd, terwijl daarvoor 95 procent zich aan de afspraken hield. Deze gang van zaken moet volgen het IEA frustrerend zijn voor Saoedi-Arabië, dat een veel groter percentage van zijn productie moest terugbrengen en zich daar ook aan houdt. Zelfs de niet Opec-landen, zoals Rusland, die overeenstemden met productiebeperkingen, houden zich beter aan de afspraken dan een aantal Opec-landen.

De New Energy Finance Outlook van Bloomberg suggereert dat de CO2-uitstoot voor energieopwekking in 2026 wel eens zou kunnen dalen. Die daling is te danken aan snel dalende prijzen voor zonne- en windenergie. Deze trendbreuk gaat in tegen de voorspellingen van de International Energy Agency, die de CO2-emissies nog tientallen jaren zien stijgen.

De trendbreuk komt met name door de grote adaptatie van zon-pv in landen als India en China. Maar ook in Duitsland en de Verenigde Staten is het in 2021 goedkoper te investeren in zon-pv dan in een nieuwe kolencentrale, zo verwachten de experts van Bloomberg. De grootste kostendaling verwacht men bij wind op zee, waar de aanlegkosten met 71 procent zouden dalen. De prijzen per kilowatt zijn al dertig procent gedaald en Bloomberg verwacht in 2040 nog eens 47 procent lagere prijzen. De kosten voor zon-pv waren in 2017 al een kwart van de kosten in 2009 en Bloomberg verwacht dat de markt daar over 23 jaar nog eens 66 procent van af weet te krijgen.

Het toenemende aandeel duurzaam zal ook de investeringen in energieopslag aanjagen. De komende jaren zal minstens 239 miljard dollar worden geinvesteerd in lithium-ion batterijen voor zowel thuisopslag als in auto’s. Daarbij verwachten de experts ook meer investeringen in gascentrales, met name voor netbalancering. Om zestien procent meer opwekcapaciteit te krijgen, zijn investeringen van zo’n achthonderd miljard dollar nodig.

De grote verliezer in de voorspellingen is steenkool, waar nog wel grote projecten op stapel staan, maar die waarschijnlijk worden gecanceld. Bloomberg verwacht dat 369 gigawatt van deze geplande centrales nooit aan het net zal leveren. De helft van de bestaande centrales zijn naar verwachting in 2040 afgeschreven en zullen waarschijnlijk niet worden vervangen.

Ondanks alle duurzame investeringen, is er nog een schamele 5,3 biljoen dollar nodig om de opwarming van de aarde af te remmen, aldus het rapport. In het Parijsakkoord is afgesproken dat de temperatuurstijging niet boven de twee graden Celsius mag uitkomen. Deze afspraken maken de weg vrij voor zonne en windenergie. De onderzoekers verwachten dan ook dat in 2040 bijna de helft van de totale energievoorziening voor rekening komt van deze duurzame bronnen.