olie Archieven - Utilities

Nederland sluit zich alsnog aan bij de coalitie van landen die op korte termijn willen stoppen met directe overheidssteun voor internationale fossiele energieprojecten. In Glasgow heeft Nederland hiertoe een verklaring getekend, zo schrijft staatssecretaris Vijlbrief (Financiën) aan de Tweede Kamer. Vorige week gaf het demissonaire kabinet nog aan niet te tekenen en dat deze kwestie aan een volgend kabinet is, wat tot protest in de Kamer en bij verschillende milieuorganisaties leidde.

De ondertekening betekent dat het kabinet in 2022 zal werken aan nieuw beleid voor het beëindigen van internationale overheidssteun aan de fossiele energiesector. Dit geldt in het bijzonder voor de exportkredietverzekering (ekv). Het streven is dit voor eind 2022 te implementeren. Ook hoopt het kabinet dat zoveel mogelijk andere landen de verklaring ook willen ondertekenen, om een gelijk speelveld te behouden voor Nederlandse bedrijven en hun buitenlandse concurrenten.

In zijn energiemonitor ziet senior Energie-econoom Hans van Cleef van ABN Amro de vraag naar olie en gas herstellen. Zowel OPEC als het IEA stellen hun verwachtingen opwaarts bij terwijl olievoorraden tot hun gebruikelijke niveaus slinken.

De afgelopen weken schommelde de olieprijs in een relatief smalle bandbreedte. Tot dusverre werd het opwaarts prijspotentieel als gevolg van hogere vraagverwachtingen (in de VS en Azië) tegengewerkt door tegenvallend economisch herstel in Europa en hogere olieproductie door OPEC+. Maar eerder deze week stegen de olieprijzen toch door als gevolg van de aanhoudende dalingen van de Amerikaanse oliereserves en hoop op verder economisch herstel.

Zowel de OPEC als het Internationaal Energieagentschap (IEA) hebben hun verwachtingen ten aanzien van de vraag naar olie in 2021 opwaarts bijgesteld. Het aantrekken van de vraag zal volgens de OPEC met name in de tweede helft van het jaar plaatsvinden, als de effecten van de vaccinatieprogramma’s steeds meer zichtbaar worden.

OPEC+ verhoogt olieproductie

Nu de vraag naar olie herstelt, is er volgens OPEC+ langzaam maar zeker meer ruimte voor een stijging van het aanbod. Tijdens het overleg van begin april werd dan ook besloten dat OPEC+ de productie gaat verhogen. Of beter gezegd, minder gaat verlagen. Het productieverlagingsakkoord wordt immers afgebouwd.

Voorraden normaliseren

In 2020 daalde de vraag naar olie sterk als gevolg van de maatregelen om covid-19 te bestrijden. Tijdens de tweede helft van 2020 en het eerste kwartaal van 2021 heeft OPEC+ de productie dusdanig laag gehouden, dat er eigenlijk een tekort ontstond. Als gevolg hiervan moest er worden geput uit de tijdens de eerste helft van het jaar opgebouwde ruime oliereserves. Vanaf augustus 2020 lieten de OESO-voorraden dan ook een daling zien en zijn deze terug op het 5-jaars gemiddelde.

Gasprijs even hoog

Opvallend ten opzichte van de afgelopen twee jaar is het feit dat de gasprijs medio april nog steeds relatief hoog is. De kou in de afgelopen weken speelde daarbij een rol, maar ook de opbouw van nieuwe voorraden zijn hierin van belang. De opbouw van gasvoorraden blijft achter ten opzichte van het patroon van de laatste twee jaar. De vraag naar aardgas blijft daarom langer hoog, maar zal afnemen zodra de voorraden op peil zijn en gevuld voor het nieuw winterseizoen.

Ook wijst het IEA in haar recente Gas Market Report op de kwetsbare groeiverwachtingen voor de rest van dit jaar. Net als bij de oliemarkt is de verwachting dat de vraag naar aardgas verder zal aantrekken op het moment dat de economie verder herstelt, en de invloed van covid-19 steeds verder afneemt.

Gasprijsramingen iets verhoogd

Als gevolg van de koude weersomstandigheden en daarmee samenhangend de hogere vraag naar aardgas, is het prijsherstel dat we voor de tweede helft van het jaar hadden voorzien reeds een feit. Hoewel de prijs iets kan dalen op het moment dat de voorraden weer zijn aangevuld, zal de prijs gemiddeld genomen toch iets hoger komen te liggen in 2021.

Kijk hier voor de volledige energiemonitor

De Industrie draait doorrrr! Maar hoe? Tijdens de tweede Industrielinqs LIVE gaan we op 6 mei (09:00 – 10:30 uur)  in op de olie-industrie en de koppeling met de chemie.

Het gaat de komende maanden mogelijk spannend worden als verschillende raffinaderijen hun productie mogelijk terug moeten schroeven. Met name de vraag naar kerosine en benzine is enorm gekelderd. De vraag naar diesel minder omdat alle vitale sectoren diesel als brandstof gebruiken voor hun vrachtwagens, bestelwagens en ambulances. Kunnen raffinaderijen nog wat aan de knoppen draaien?

En hoe afhankelijk is de chemie van de olie-industrie? Immers de vraag naar chemische producten daalt veel minder hard. Is dit een tijd om over een versnelde ontkoppeling na te denken? Biomassa, aardgas en plastic-afval bieden alternatieven.

Kraker

Aan de digitale tafel ontvangen Wim Raaijen en Jan Peter Kruiger verschillende gasten uit de industrie en andere experts. Waaronder Frank Kuijpers, mondiaal Sabic’s hoogste man op het gebied van sustainability. Onder zijn hoede gaat de kraker in Geleen steeds meer afvalplastic als grondstof gebruiken. Ook prof. Earl Goetheer van TNO en de TU Delft zal aanschuiven. Lees hier een interview met hem.

Aan de digitale tafel zal verder Tom van Aken, CEO van Avantium aanschuiven. Dat Nederlandse bedrijf bouwt in Delfzijl een bioraffinaderij en gaat ook asfalt uit lignine, een restproduct van biomassa, produceren. En uiteraard is het ook interessant hoe de raffinagesector zelf tegen de extreme huidige omstandigheden aankijkt. Daarom zit ook Erik Klooster, directeur van VNPI aan tafel.

Schrijf je nu in. Deelname is kosteloos en we zenden deze keer uit vanuit Microsoft Teams!

 

 

 

De afzetprijzen van de Nederlandse industrie waren in december gemiddeld 2,6 procent hoger dan in december 2018, meldt het CBS. Een maand eerder waren de producten van de industrie vrijwel even duur als een jaar eerder.

In december 2019 kostte een vat ruwe North Sea Brent olie bijna 59 euro. Dat is ongeveer 15 procent meer dan een jaar eerder. In november 2019 was de prijs voor een vat ruwe olie bijna 57 euro, ruim 2 procent lager dan in november 2018.

De ontwikkeling van de afzetprijzen in de industrie hangt sterk samen met de prijsontwikkeling van ruwe aardolie. Producten van de aardolie-industrie waren in december 12,2 procent duurder dan in december 2018. In november lagen de prijzen 5,4 procent lager dan in november 2018.

Ook in de chemische industrie hangt de afzetprijs over het algemeen samen met de olieprijs. De afzetprijzen van de chemische industrie waren in december 4,2 procent lager dan een jaar eerder. In november was de prijsdaling 7,3 procent. In de meeste overige bedrijfsklassen van de industrie lagen de prijzen in december 2019 hoger dan een jaar eerder.

Afzetprijzen industrie stijgen in december

Vergeleken met november zijn de afzetprijzen van de industrie in december met 0,3 procent gestegen. De prijzen op de binnenlandse markt namen met 0,6 procent toe, die op de buitenlandse markt stegen met 0,1 procent.

Eind september is de productiecapaciteit van Saudi Aramco weer volledig op peil. Dat is de verwachting van CEO Amin Nasser. De productie werd eerder opgeschort vanwege terreuraanslagen op installaties in Abqaiq en Khurais.

‘Deze gesynchroniseerde aanvallen waren bedoeld om maximale schade aan onze faciliteiten en activiteiten aan te brengen’, stelde Nasser tijdens een persconferentie dinsdag in Jeddah. Volhens de topman is Aramco zeer veerkrachtig. Het laat volgens hem de enorme bereidheid zien van het concern om met goed met terreur om te gaan. Helemaal als het gaat om ‘sabotage van de energievoorziening van Aramco aan de wereld.’

Andere velden

Hij vertelde dat de productie in Khurais 24 uur na de aanval werd hervat. Inmiddels is de productie in Abqaiq twee miljoen vaten per dag. En die wordt naar verwachting opgeschroefd naar een volledige productie eind september. Het bedrijf heeft leveringen aan klanten aangevuld met voorraden en extra ruwe productie uit andere velden.

Golfconflicten

Naser: ‘Geen enkele zending naar een internationale klant is gemist of wordt gemist of geannuleerd als gevolg van deze aanvallen. Het bedrijf is zijn verplichtingen jegens zijn internationale klanten nagekomen, zelfs in uitdagende situaties, waaronder golfconflicten uit het verleden.’

 

De gasprijs staat momenteel op een extreem laag niveau. Energy en technologiebedrijf Powerhouse ziet hier een vijftal verklaringen voor. Lage prijzen voor olie en kolen in combinatie met grote voorraden in de gasopslagen drukken de gasprijs naar bedragen onder de tien euro per megawattuur. Met name de handelsoorlog tussen China en de Verenigde Staten drukt ook de LNG-prijzen.

In een analyse zet Powerhouse uiteen welke factoren momenteel de gasprijs drukken. Op de hele korte termijn ziet de energiemarktspecialist zelfs prijzen onder tien euro per megawattuur. Maar ook op de lange termijn (2023) is de gasprijs op dit moment bijzonder laag (17,50 euro per megawattuur).

Olieprijs

Nog steeds is olie richting gevend voor de gasmarkt. Als China en de VS tot een oplossing kunnen komen zou dat een boost voor de afkoelende economie betekenen de prijzen stuwen. Of OPEC zou de olieproductie kunnen beperken. Momenteel zorgt de enorme aanvoer van schalieolie uit de VS ervoor dat de olieprijs nog laag blijft. Als de prijs zo laag wordt dat de Amerikanen stoppen met produceren, kan dat de prijs herstellen.

Ook kolen worden gezien als (vervuilender) alternatief voor aardgas. Ook de kolenprijs is laag en drukt de gasprijs. En dan zien de experts van Powerhouse ook nog dat de gasopslagen ramvol zitten. Pas als het koud wordt, worden deze aangesproken. Daar lijkt voorlopig geen sprake van.

LNG

Het handelsconflict tussen China en de VS stagneert de productie in Azië, wat de LNG-consumptie negatief beïnvloedt. Het LNG dat normaal gesproken richting China gaat, wordt nu goedkoop aangeboden in Europa.

CO2-prijs

De handelsexperts van Powerhouse zien de gasprijs wel stijgen als er daadwerkelijk een hoge CO2-prijs wordt afgedwongen. In dat geval is aardgas het schonere alternatief voor steenkool. Toch hebben de prijsdrukkende ontwikkelingen nog de overhand. Uiteraard doen ze geen uitspraken over toekomstige ontwikkelingen. Maar voorlopig kan de industrie nog profiteren van een lage gasprijs.

 

 

Een internationaal consortium onder leiding van de Groningse chemisch ingenieur Erik Heeres ontving vier miljoen euro aan financiering van het Horizon2020-onderzoeksprogramma van de Europese Unie om een ​​nieuwe, efficiëntere methode te ontwikkelen voor de productie van vloeibare brandstoffen uit biomassa. Het idee is om biomassa op te lossen in vloeibare zouten om de efficiëntie van pyrolyse te verhogen. Binnen vier jaar zou het nieuwe proces in het lab moeten werken.

Het duurt duizenden, zo niet miljoenen jaren voordat organisch materiaal door natuurlijke processen in aardolie is omgezet. Het is echter mogelijk om dit materiaal in enkele minuten tot olie om te vormen met behulp van pyrolyse. De eerste commerciële pyrolyse-oliefabriek werd onlangs in Enschede geopend en draaide vijf ton biomassa in drie ton olie per uur. Verdere verfijning van het proces zou vloeibare brandstoffen zoals benzine of diesel uit deze olie kunnen produceren.

‘Maar er zijn nog steeds nadelen aan het omzetten van organisch materiaal in vloeibare brandstoffen’, zegt Erik Heeres, hoogleraar Green Chemical Reaction Engineering aan de Rijksuniversiteit Groningen. De efficiency van dit proces kan volgens Heeres worden verbeterd. Een deel van de koolstof in de biomassa komt bijvoorbeeld terecht als onbruikbare teer- en gasfasecomponenten. ‘Bovendien is het proces niet erg geschikt voor het omzetten van lignine, het op één na meest voorkomende biomassapolymeer, omdat dit smelt wanneer het de pyrolytische reactiekamer binnengaat en het transportsysteem dat de reactor voedt verstopt.’

Zouten

In samenwerking met negen partners uit de academische wereld, de industrie en onderzoeksorganisaties, bedacht Heeres een mogelijke manier om het hele conversieproces te verbeteren: ‘De eerste stap zal zijn om het organische materiaal in vloeibare zouten op te lossen. Dit maakt het gemakkelijker om het in een reactiekamer te pompen. “Bovendien kan vloeistof gemakkelijker en sneller worden verwarmd dan vaste stoffen, dus dit zal het pyrolytische proces helpen: ‘We verwachten dat dit de koolstofopbrengst zal verhogen. En de zouten kunnen katalytische eigenschappen hebben, die ook de efficiëntie kunnen verhogen en de producteigenschappen kunnen verbeteren, mogelijk bij een lagere temperatuur. ‘

Tijdens de pyrolyse wordt de olie geproduceerd als een damp en vervolgens gecondenseerd in een vloeistof voor de volgende stap in het proces – een waterstofbehandeling die het zuurstofgehalte verlaagt en de koolwaterstoffen omzet in kortere ketens: ‘In ons voorstel voegen we de waterstof toe tijdens de pyrolyse, dus de behandeling gebeurt in de gasfase. Nogmaals, we verwachten dat dit efficiënter zal zijn. De waterstofbehandeling vindt plaats onder hoge druk, wat geen probleem is wanneer de reactor wordt gevoed met vloeibaar gemaakt organisch materiaal. Maar het zou heel moeilijk zijn als je het vaste stoffen zou geven.’

Kerosine

Als al deze verbeteringen werken zoals verwacht, zal het proces zeer efficiënt zijn en hoge kwaliteit koolwaterstoffen van ongeveer tien tot zestien koolstofatomen opleveren: ‘Deze zouden verder kunnen worden verfijnd in standaardapparatuur voor de productie van benzine, diesel of zelfs kerosine.’ een uitdaging, legt Heeres uit: ‘De luchtvaartindustrie heeft om voor de hand liggende redenen zeer strikte richtlijnen voor de kwaliteit van kerosine. Met behulp van conventionele pyrolyse-technologie is het moeilijk om aan deze vereisten te voldoen. Maar we hebben er rustig vertrouwen in dat we met onze methode biomassa in kerosine kunnen veranderen. ‘

De vloeibare zouttechnologie en alle andere verfijningen zouden zowel de opbrengst als de kwaliteit van de pyrolytische olie moeten verbeteren: “Idealiter willen we dat elk koolstofatoom in ons uitgangsmateriaal wordt omgezet in vloeibare brandstof”, zegt Heeres. Over vier jaar moet een productiesysteem van een laboratoriumtafel het bewijs leveren van het principe: ‘We weten niet of dit haalbaar is, maar we hebben goede hoop dat dit uiteindelijk een commercieel levensvatbaar systeem zal worden.’

Shell kondigt een grote olievondst aan in het diepe water in het geologische Norphlet-deel van de Amerikaanse Golf van Mexico. De ontdekking van Dover is Shell’s zesde in dit gebied.

De ontdekking bevindt zich op ongeveer twintig kilometer afstand van het drijvende Appomattox-productieplatform van Shell  en wordt beschouwd als een aantrekkelijke potentiële oliebron. Het Appomattox-platform van Shell is nu op locatie aangekomen in de Amerikaanse Golf van Mexico en zal naar verwachting de productie voor het einde van 2019 starten.

900 duizend vaten

De belangrijkste diepwater productielocaties van Shell zijn goed gepositioneerd voor uitbreiding van de productie door near-field exploratie en extra onderzeese putten. Het bedrijf verwacht dat de wereldwijde productie van diep water in 2020 meer dan 900.000 vaten olie-equivalent per dag zal bedragen, uit reeds ontdekte gebieden.

Het energieverbruik is in 2016 met twee procent gestegen tot 3131 petajoule. Vooral het aardgasverbruik steeg, met tachtig petajoule. De winning van aardgas daalde juist met 120 petajoule. Het olieverbruik steeg met twintig petajoule en het verbruik van kolen daalde met dertig petajoule. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.

Aardgas, aardolie en steenkool zijn nog steeds verreweg de belangrijkste energiebronnen. Samen waren ze goed voor ruim negentig procent van het energieverbruik. Het resterende deel wordt opgewekt uit hernieuwbare energie, kernenergie, afval en elektriciteit uit het buitenland.

Aardgasverbruik blijft onder langjarig gemiddelde

In 2016 werd meer gas gestookt omdat het kouder was dan in 2015. Daarnaast werd aardgas vaker ingezet om elektriciteit te produceren. De afname van de elektriciteitsproductie uit steenkool werd zo gecompenseerd. Ook verbeterde de concurrentiepositie van de Nederlandse gascentrales op de Noordwest Europese elektriciteitsmarkt. Het aardgasverbruik was in 2016 nog relatief laag in vergelijking met de periode tussen 2000 en 2010, toen gemiddeld een zesde meer aardgas werd verbruikt. In deze periode werd meer gas gebruikt voor verwarming en om elektriciteit te produceren.

Lagere winning, groter beroep op gasvoorraden

In 2016 werd meer aardgas verbruikt en daalde de winning. Om aan de hogere vraag te voldoen, werd 6,3 miljard kubieke meter aan eerder gewonnen aardgas uit ondergrondse opslagen gehaald en is meer aardgas ingevoerd. Daardoor kon er ook meer aardgas uit Nederland worden geëxporteerd. Dit gebeurde vooral in de laatste twee maanden van 2016, toen het in Nederland en omringende landen veel kouder was dan in dezelfde periode een jaar eerder.

Sluiting oude steenkoolcentrales

In 2016 werd ongeveer een tiende minder steenkool gebruikt voor de elektriciteitsproductie dan het jaar daarvoor. Het steenkoolverbruik van pas geopende centrales steeg, omdat deze aan het einde van de opstartfase kwamen. Maar dit woog niet op tegen de daling van het verbruik door de sluiting van drie oude kolencentrales. Het verbruik van steenkool voor de productie van ijzer en staal bleef nagenoeg gelijk.

Meer verbruik van olieproducten voor industrie

Het verbruik van olie steeg met ongeveer twee procent. Het ging vooral om olieproducten die in de industrie worden toegepast, zoals restgassen en grondstoffen voor chemische productie. De olieverbruikende industrie had minder onderhoud en storingen dan een jaar eerder en daarom werden deze olieproducten meer gebruikt.

Het Deense energiebedrijf Dong Energy kondigde tijdens de presentatie van de derde kwartaalcijfers aan zijn olie- en gasactiviteiten te willen afbouwen. Hoewel de divisie financieel goede prestaties levert, wil het bedrijf zich nog meer profileren als duurzame energieleverancier.

De operationele winst van Dong steeg in het derde kwartaal met zeven procent ten opzichte van dezelfde periode in het jaar daarvoor. Het bedrijf boekte een winst van in totaal 4,8 miljard Deense Kroon. Een groot deel van die winst was te verklaren door het feit dat het bedrijf zijn windactiviteiten met negentien procent heeft uitgebreid. Ook heronderhandelingen rondom een gasinkoopcontract droegen bij aan het positieve resultaat.

Dong heeft afgelopen jaar zijn gastransportactiviteiten overgedragen aan de Deense TSO Energinet.dk. Deze transactie bracht het bedrijf 1,3 miljoen Deense kronen op. Het bedrijf kondigde tevens aan zich in de toekomst volledig te willen richten op duurzame energie. Topman Henrik Poulsen wilde nog niet teveel ingaan op wanneer die activiteiten daadwerkelijk werden verkocht, maar dat ze worden verkocht, is in ieder geval duidelijk.

Dong is al de grootste windenergieproducent van de wereld en het bedrijf heeft nog zeven windparken in aanbouw met een gezamenlijke capaciteit van 4,4 gigawatt. Verder zet men in op biomassacentrales in zowel Denemarken als in het Verenigd Koninkrijk.