plastic Archieven - Utilities
Vibers maakt papier, karton, bioplastic en biobeton van olifantsgras. Een gewas dat al dertig jaar in Nederland groeit en van origine als stalstrooisel en brandstof werd gebruikt. Vibers haalt nu van elke hectare twintig ton grondstof per jaar af. In totaal heeft het bedrijf zo’n honderd hectare aan olifantsgras beschikbaar. Oprichter Jan-Govert van Gilst vertelt hoe ze van het olifantsgras producten maken. 

Hoe ben je op het idee gekomen om producten van olifantsgras te maken?

‘Tijdens een vakantie in Borneo in 2009 zag ik regenwoud worden gekapt voor palmolieplantages en zag ik voor het eerst plastic soep. Iedere morgen spoelde er een halve meter hoog plastic aan. Bizar om te zien. Ik wilde daar iets mee doen, nam ontslag en startte een eigen bedrijf. Ik ben begonnen met bamboe, maar dat bleek niet zo’n goed idee. Samen met de Universiteit van Wageningen kwam ik uiteindelijk bij olifantsgras uit. Dit groeit snel, bevat bouwstenen om producten van te maken en kan veel CO2 vastleggen (vier keer meer dan een Europees bos, red.).’

Waar groeit het olifantsgras waar jullie producten van maken?

‘Wij maken gebruik van marginale gronden. Veel bedrijven hebben bijvoorbeeld een stukje grond waar ze misschien nog een keer wat op gaan bouwen. Bij een spuitgietfabriek hebben wij bijvoorbeeld twee hectare olifantsgras staan. Daar maken zij weer lunchboxen van. Ook bij Sabic in Bergen op Zoom is olifantsgras gepland. Daar staat op een bord bij: hier groeit het dashboard van de toekomst. Zo inspireer je ook weer mensen die daar langs komen.’

‘Daarnaast hebben boeren een Europese doelstelling om vijf procent van hun areaal te beplanten met een gewas dat de biodiversiteit bevordert. Olifantsgras staat op die lijst. Vaak gebruiken de boeren een hoekje waar ze verder niks mee kunnen. Olifantsgras is heel arbeidsextensief. Je plant het één keer aan en dan kan je het twintig jaar oogsten. Je hoeft er na het planten vrijwel niks aan te doen. Het gewas laat in het najaar zijn bladeren vallen, waarna allerlei insecten en dieren daar hun plekje vinden.’

Hoe maak je producten van het olifantsgras?

‘We gebruiken de vezels uit de plant om daar materialen mee te verduurzamen. We hebben een wereldwijd gepatenteerd proces ontwikkeld waarmee we de vezel op maat kunnen maken voor de toepassing waarin hij wordt gebruikt. Beton heeft een andere vezel dan bioplastic en papier. Het mooie is dat onze materialen kunnen worden gebruikt op bestaande machinelijnen. Bedrijven hoeven daarin geen investeringen te doen en kunnen toch hun product verduurzamen.’

Industrielinqs nu 3 maanden gratis ontvangen?

Dit artikel komt uit de eerste editie van het Industrielinqs magazine, dat zich richt op de procesindustrie, energiesector en onderlinge infrastructuur. Met het magazine verbinden we industriële ketens zodat ze van elkaar kunnen leren. Belangrijke thema’s zijn: innovatie, energietransitie, onderhoud en veiligheid.

Gebruik kortingscode ILQS20GRATIS voor een gratis proefabonnement

Heb je daar voorbeelden van?

‘Ik ben eerst begonnen met het maken van papier. Daar wordt houtpulp voor gebruikt. Door onze vezels is twintig procent minder pulp nodig. Ook wordt plaatmateriaal van bijvoorbeeld de borden in supermarkten waar reclame op staat van Vibers bioplastic gemaakt. We kunnen ze ook weer recyclen. Zo verduurzaam je een heel productieproces.’

Hoe produceren jullie de vezels?

‘Wij produceren helemaal niets zelf. Dat is heel bewust gedaan. We doen dat op verschillende locaties met verschillende lokale bedrijven. Als je alles zelf doet, dan kan je maar een beperkt deel van de markt bedienen. Terwijl als je samenwerkt met veel productiebedrijven en je zorgt dat het past op bestaande processen, dan is het een lage drempel om mee te doen. Ik zoek de samenwerking met veel bedrijven, waardoor de impact wordt vergroot. Uiteindelijk is het het belangrijkste dat het gebeurt.’

‘Het mooie is dat onze materialen kunnen worden gebruikt op bestaande machinelijnen.’

Jan-Govert van Gilst, oprichter Vibers

Kunnen jullie concurreren met anderen?

‘Toen we net waren begonnen, was er al veel interesse. Maar ze vonden het wel duur. Als je groeit, wordt het product steeds goedkoper. Inmiddels zijn we best wel concurrerend, zeker tegenover andere biomaterialen. Er worden al heel wat producten gemaakt met onze vezels. Denk aan plaatmateriaal, meubels en de bloempotten voor de Jumbo en Nationale Postcodeloterij.’

Wat is jouw droom voor de toekomst?

‘Mijn droom is dat iedereen straks iets van Vibers in huis heeft. Dat ik in de supermarkt loop en dat groenteverpakkingen niet van plastic zijn, maar van Vibers bioplastic.’

Veel grote chemiebedrijven onderzoeken de chemische recycling van kunststoffen. Het is chemieconcern Sabic die er in Geleen als eerste in is geslaagd om – zij het op bescheiden schaal – gemengde plastic afval  te voeden aan een kraker. Om er weer chemische bouwstenen van te maken.  

Frank Kuijpers die internationaal verantwoordelijk is voor verduurzaming binnen het Saoedische chemiebedrijf, heeft weliswaar een  groot vertrouwen in de mogelijkheden van chemische recycling, maar er is volgens hem nog een lange weg te gaan. ‘Vergeet niet dat pyrolyse nog in de kinderschoenen staat. Het is weliswaar een oude technologie, maar nu pas gaan we die breed inzetten. Je kunt zeggen dat we nog steeds met de eerste generatie bezig zijn. 

Temperen

Om bij te mengen in de bestaande krakers zijn zuivere chemische bouwstenen nodig.We moeten nog behoorlijke stappen in het zuiveren van de gemengde plasticstromen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om hydrogenering om de pyrolyse-olie geschikt te maken voor de kraker. We zitten nu op een capaciteit van enkele honderden tonnen. Laatst hadden wij een grote speler uit de Duitse verpakkingsindustrie op bezoek. Die praat al over de afname van 50 – 200 kiloton per jaar. Dergelijke verwachtingen moeten we meteen temperen. We hopen in 2021 naar 20 kiloton te gaan. Mogelijk kunnen we pas tegen 2025 voldoen aan de wensen van die ene potentiële klant. Jaarlijks worden wereldwijd meer dan 300 miljoen ton aan petrochemische producten geproduceerd.’

Market Foundation

En dan loopt Sabic echt voorop, benadrukt Kuijpers. Sabic is momenteel de enige die al een product in de markt heeft, gebaseerd op gemengd afvalplastic. Een van de partijen die begin 2019 in Davos samen met ons de Market Foundation hebben aangekondigd is op onderzoek uitgegaan in de afgelopen periode. Maar ze zijn toch bij ons gebleven, omdat er verder nog geen partij al iets heeft.’ Natuurlijk blijft dit een kwestie van tijd. 

Lees over enkele weken meer in het interview dat Petrochem had met Kuijpers voor het februarinummer. Daarin ook meer over de duurzame ambities van het Saoedische bedrijf dat wordt grotendeels in handen komt van grote broer Saudi Aramco.

Ondernemers die investeren in het tegengaan van verspilling van grondstoffen kunnen belastingvoordeel krijgen met de MIA\Vamil. Dat blijkt uit de Milieulijst 2019. Het belastingvoordeel geldt voor investeringen in bijvoorbeeld het verwerken van voedseloverschotten en het verlengen van de levensduur van producten.

Ook het weren van microplastics en giftige stoffen uit herbruikbare grondstoffen komen in aanmerking voor fiscaal voordeel. In 2019 is er een budget van 139 miljoen euro beschikbaar. Bedrijfsmiddelen die in aanmerking komen voor dit belastingvoordeel staan vermeld op de Milieulijst. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat past deze lijst jaarlijks aan.

Circulaire economie

De Milieulijst 2019 biedt veel nieuwe mogelijkheden voor ondernemers die investeren in circulair ondernemen. Zo geldt het MIA\Vamil-voordeel in 2019 ook voor grondstoffenbesparing door bijvoorbeeld de inzet van 3D-printers.

Ook het verbeteren van de kwaliteit van het gerecyclede product heeft een prominente plaats op de nieuwe lijst. Verder komen investeringen in het opwerken en benutten van voedseloverschotten of plantaardige reststromen in aanmerking voor MIA\Vamil.

Circulaire gebouwen

Nieuw op de Milieulijst, die op 27 december is gepubliceerd in de Staatscourant, zijn circulaire gebouwen met veel gerecyclede grondstoffen, een materialenpaspoort en een minimale CO2-voetafdruk. Gebouwen met een Groenverklaring of met het Slim-Bouwen-keurmerk verdwenen van de lijst.

Onverwarmde opslagloodsen komen alleen nog in aanmerking als ze aan de strengere eisen voor circulaire gebouwen voldoen. Ook nieuw is een voordeel voor ondernemers die hun bedrijfsterrein aanpassen aan het veranderende klimaat.

Volledig elektrisch

Voortaan biedt MIA\Vamil alleen nog maar belastingvoordeel voor volledig elektrische auto’s. Wel is het voordeel voor deze voertuigen aangepast. Hybride auto’s en geluidarme mobiele werktuigen met verbrandingsmotor zijn van de lijst verdwenen.

Ioniqa maakt nu echt de stap van scale-up naar de markt. Het technologiebedrijf bouwt zijn eerste PET-plastic up-cyclingfabriek, op de Brightlands Chemelot Campus in Geleen. In deze fabriek wordt vanaf de zomer 2019 PET-plasticafval volledig circulair omgezet naar hoogwaardige, pure PET-grondstof. Daar kunnen weer nieuwe producten voor voedselverpakkingen van worden gemaakt. 

In april maakte Ioniqa bekend dat het een samenwerkingsverband is aangegaan met Unilever en PET-producent Indorama. Volgens Tonnis Hooghoudt, CEO van Ioniqa, vormt de samenwerking met beide multinationals een belangrijke basis. ‘Sinds 2011 werken we in ons lab in Eindhoven aan de technologie om alle kleuren PET-plastic afval èn textiel op oneindige basis te kunnen up-cyclen. De voorbije twee jaar hebben we in onze demonstratiefabriek in Rotterdam-Botlek bij Plant One veel testen uitgevoerd. Dit deden we onder meer voor Unilever en Indorama, die onze grondstof hebben gevalideerd voor voedselverpakkingen. Dat was van groot belang, want zo’n validatie betekent heel veel voor de markt om een circulaire oplossing te omarmen.’

Fabriek

De Ioniqa-fabriek in Geleen komt in een nieuwe hal die eind dit jaar klaar zal zijn. In het eerste halfjaar van 2019 worden de fabrieksinstallaties geplaatst en daarna volgt het opstartproces. Het is de bedoeling dat het eerste product ook in 2019 wordt afgeleverd. De fabriek is goed voor een productie van 10.000 ton PET-grondstof. Daar kunnen weer PET-producten van alle mogelijke kleuren van worden gemaakt. ‘De aanvoer van het benodigde PET-afval is voor deze 10.000 ton-fabriek al verzekerd, evenals de afzet van onze nieuwe, pure PET-grondstof.’

Over de locatie, op de Brightlands Chemelot Campus, stelt Hooghoudt dat dit een perfecte plek is, op een goed geoutilleerd terrein waar de Ioniqa-fabriek volledig naar wens is te realiseren. En met een groot achterland voor aanvoer van grondstof (dicht bij Duitsland, België en Frankrijk). ‘Als plastic hub in Europa is Limburg een prima locatie.’

Licentie

Hooghoudt hoopt dat deze eerste Ioniqa-fabriek door vele gevolgd zullen worden. De 10.000 ton-fabriek is in vergelijking tot de vraag in de markt nog steeds relatief klein. Schaalvergrotingen tot 100.000 of 200.000 ton zullen zeker volgen. ‘Dat is meer iets voor kapitaalkrachtigere en wereldwijd opererende partijen’, aldus de CEO van Ioniqa. ‘Wij richten ons op het verlenen van licenties van onze technologie, wereldwijd. Daarmee zal ook zeker worden gesteld dat de technologie sneller wordt geïmplementeerd. Ioniqa zal zich in de toekomst blijven richten op verdere technologieontwikkeling om ook andere typen plastics – en in de toekomst ook bio-plastics – te kunnen recyclen.’

Unilever gaat samen werken met startup Ioniqa en PET-producent Indorama om PET-afval weer om te zetten in zuivere plastic bouwstenen. Voor gebruik in voedselverpakkingen.

Ioniqa ontwikkelde een gepatenteerde technologie dat al het PET‐afval – waaronder ook gekleurde verpakkingen – kan omzetten in zuivere plastic grondstoffen. De technologie heeft de proeffase goed doorstaan. Onder andere in een proefinstallatie bij Plant One in Rotterdam. De technologie wordt nu door diverse bedrijven getest.

Eindeloos

PET wordt veel gebruikt voor de productie van plastic verpakkingen. Wereldwijd wordt ongeveer twintig procent van dit materiaal gerecycled. De rest wordt verbrand, belandt op de vuilstortplaats of in de natuur. Unilever is een samenwerking aangegaan met PET-fabrikant Indorama en Ioniqa, een spin-off van de Technische Universiteit Eindhoven, om dit probleem aan te pakken.

De technologie van Ioniqa breekt PET-afval, zoals gekleurde flessen tot basismoleculen af, waarbij de kleur en andere verontreinigende stoffen worden verwijderd. Vervolgens zet Indorama de moleculen in haar fabriek van Indorama weer om in zuivere plastic grondstoffen. Als de testen op industriële schaal goede resultaten opleveren, kan in de toekomst al het plastic worden hergebruikt voor de productie van hoogwaardige voedselverpakkingen. De drie samenwerkende bedrijven denken dat deze volledig circulaire oplossing een industriële transformatie teweeg kan brengen. De nieuwe technologie kan eindeloos worden toegepast.

Transformatie

In 2017 heeft Unilever toegezegd dat tegen 2025 al haar plastic verpakkingen herbruikbaar, recyclebaar of composteerbaar zullen zijn. Chief R&D Officer David Blanchard Met de nieuwe samenwerking wil Unilever een nieuwe duurzame verpakkingsoplossing dichterbij brengen. Chief R&D Officer David Blanchard: ‘We streven ernaar enkel verpakkingen te creëren die passen binnen een circulaire wereld. Deze innovatie is met name bijzonder, omdat het een oplossing biedt voor een van de grootste hedendaagse uitdagingen: het geschikt maken van alle soorten gerecycled plastic voor het verpakken van voedsel. Het volledig circulair maken van de PET‐stroom zou immers een grote mijlpaal zijn in het vervullen van deze ambitie. Niet alleen Unilever zou hierbij gebaat zijn; het zou een transformatie betekenen van de gehele industrie.’

Circulair materiaal

Tonnis Hooghoudt, oprichter en CEO van Ionica is ook verheugd met de samenwerking: ‘Zo kunnen we onze unieke oplossing voor PET‐plastic opschalen. Via onze samenwerking kan de innovatieve technologie van Ioniqa het PET‐afval daadwerkelijk omzetten in een circulair materiaal dat zijn waarde behoudt na gebruik door de consument.’

Meer over Ioniqa