Rijkswaterstaat Archieven - Utilities

Als eerste sector in Nederland gaan de nationale infrabeheerders gezamenlijk aan de slag met het inzichtelijk maken van hun maatschappelijke impact. De infrabedrijven, verenigd in de coalitie Groene Netten van MVO Nederland, hebben afgesproken om de maatschappelijke impact van hun bedrijfsactiviteiten transparant te maken, waarbij elementen als CO2-uitstoot, gebruik van grondstoffen en biodiversiteit in beeld worden gebracht.

De coalitie bestaat uit Alliander, Enexis Groep, Gasunie Transport Services, KPN, Rijkswaterstaat, ProRail, Stedin en TenneT. De infrabedrijven spelen een unieke rol in de transitie naar een meer duurzame wereld. Enerzijds faciliteren ze de transitie met aanpassingen aan onze infrastructuur. Anderzijds hebben de activiteiten ook negatieve impact door emissies en inkoop van niet-hernieuwbare grondstoffen.

Spoor-, water- en verkeerswegen en energienetwerken hebben effect op de bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid van Nederland. Een maatschappelijke impactmeting geeft inzicht in de effecten voor de welvaart en het welzijn hiervan. Door impactmeting gezamenlijk op te pakken willen de deelnemende bedrijven hun maatschappelijke bijdrage verder vergroten, bijvoorbeeld door het creëren van slimme oplossingen voor het opwekken van hernieuwbare energie en circulair inkopen.

Eerste resultaten

De gezamenlijke aanpak bouwt voort op de ervaring die infrabeheerders al hebben met het meten van de maatschappelijke impact van hun eigen projecten. Een aantal voorbeelden:

Circulaire renovaties van de Alliander-gebouwen Duiven en Bellevue leveren over hun levensduur 119 miljoen euro op voor de maatschappij, vooral door een lager energieverbruik en de toepassing van gebruikte en recyclebare materialen.

Stedin concludeerde uit onderzoek dat de grootste impact van hun elektriciteitsnetwerk ligt bij grondstoffengebruik en klimaatverandering. Dit is de basis geworden van hun One Planet Thinking-ambities voor 2020 en 2030.

KPN zet fors in op het steeds energiezuiniger maken van ICT, waardoor het energieverbruik daalt ondanks de groei van het dataverkeer, met een resultaat van drie miljoen euro energiebesparing in haar netwerken, datacentra en kantoren.

Rijkswaterstaat en ProRail stellen delen van hun beheergebied (water en land) beschikbaar om duurzame energie op te wekken. Daarmee kunnen zij op den duur ruim in hun eigen energieverbruik voorzien en worden daarmee energieneutraal. Samen met de netbeheerders Liander, Stedin en Enexis verkennen zij de verdere kansen voor het opwekken van duurzame energie op hun eigen beheergebied.

Rijkswaterstaat gaat samen met ProRail en Liander, Stedin en Enexis onder de naam PetaPlan verkennen wat de verdere mogelijkheden zijn om gronden, onderstations en wateroppervlaktes beschikbaar te stellen voor het opwekken van duurzame energie. Daarbij gaat het in toenemende mate over het plaatsen van zonnepanelen in onder andere stations, stallingen, bermen, knooppunten, geluidschermen, baggerdepots en het IJsselmeergebied.

Door op te trekken met de netbeheerders kunnen de partijen het netwerk optimaliseren en zo besparen op netwerkkosten. Ook worden onnodige netwerkinvesteringen vermeden omdat slimmer gebruik wordt gemaakt van de huidige netwerken.

Analyse

In de komende periode wordt een nadere analyse gemaakt van de mogelijkheden op het (beheer)gebied van Rijkswaterstaat en ProRail. Eind 2017 wordt deze analyse afgerond. Ook wordt aan de hand van zes voorbeeldprojecten gezamenlijk ervaring opgedaan met opwekken en aansluiten van grootschalige energieprojecten. Een voorbeeld van zo’n project zijn de drijvende zonnepanelen in het baggerdepot de Slufter.

Energieneutraal

Rijkswaterstaat wil uiterlijk 2030 energieneutraal zijn. De verwachting is dat de energiebehoefte van Rijkswaterstaat (circa één petajoule) en ProRail (circa 0,5 petajoule), als onderdeel van de rijksoverheid (circa zes petajoule), ruim kan worden gedekt. In potentie kan daarmee zelfs worden voorzien in de energiebehoefte van het Rijk. De totale opwekpotentie op het beheergebied van Rijkswaterstaat en ProRail ligt in dezelfde ordergrootte als het totale energieverbruik van de rijksoverheid en vijf netbeheerders tezamen (circa 21 petajoule). Er zal de komende tijd nader onderzoek worden gedaan naar verdere kansen voor duurzame energie, zoals de mogelijkheden voor het beschikbaar stellen van het areaal voor initiatieven van andere partijen.