RVO Archieven - Utilities

Met bijna 120.000 nieuw geregistreerde elektrische auto’s in 2017, behoort Nederland tot de Europese kopgroep. Dat staat in het RVO jaarverslag ‘Highlights Elektrisch vervoer 2017’.

Per 31 december 2017 stond de teller voor Nederland op 165.884 elektrische voertuigen met 2 of meer wielen. Het gaat hierbij om 119.375 elektrische personenvoertuigen. Het aantal (semi) publieke laadpunten steeg van 26.088 naar 32.875. Het aantal snellaadpunten van 612 naar 755 op 178 locaties.

Green deal

De rijksoverheid en het Formule E-Team hebben in 2016 de Green Deal Elektrisch Vervoer 2016-2020 ondertekend. In de Green Deal is de ambitie vastgelegd dat in 2020 tien procent van de nieuw verkochte personenauto’s een elektrische aandrijflijn en stekker moet hebben. In het regeerakkoord van 10 oktober 2017 staat het streven dat uiterlijk in 2030 alle nieuwe auto’s emissieloos zijn.

Kansen bedrijfsleven

Het Nederlandse bedrijfsleven profiteert van de kansen. We zijn actief in laadinfrastructuur, laaddienstverlening en advisering. We produceren elektrische trucks en bussen. We leveren onderdelen voor en produceren lichte elektrische voertuigen, waaronder elektrische scooters.

Highlights 2017

In 2017 zijn veel activiteiten gestart en belangrijke resultaten behaald. Nederlandse bedrijven, maatschappelijke instellingen, kennisinstituten en overheden werken in (inter)nationaal verband aan de versnelde groei van elektrisch vervoer. Het doel daarvan is om de bijbehorende economische kansen te benutten. Lees de belangrijkste gebeurtenissen in het jaarverslag Elektrisch vervoer in Nederland – Highlights 2017.

Er komt 12,8 miljoen extra innovatiesubsidie beschikbaar voor aardgasvrije wijken, woningen en gebouwen. Wie ideeën heeft voor duurzame alternatieven voor aardgas kan deze subsidie aanvragen vanaf 3 april via de TKI Urban Energy van de Topsector Energie. Doel van deze subsidie is het versnellen van een aardgasvrije gebouwde omgeving.

De programmalijn Aardgasvrije wijken, woningen en gebouwen richt zich op innovaties die snel gerealiseerd kunnen worden in de bestaande bouw. Consortia – waarin aanbieders en hun klanten samenwerken – ontwikkelen prototypes van innovatieve producten die woningen, gebouwen en wijken aardgasvrij helpen maken. Dit alles binnen een tijdsbestek van één jaar.

Dit moet vervolgens ook grootschalige toepassing en productie van die innovaties in snel tempo mogelijk maken. De innovaties moeten bijdragen aan een forse kostenverlaging. Ook moeten ze de kwaliteit van de woning, het gebouw of de wijk verbeteren.

 50.000 Woningen aardgasvrij

De programmalijn Aardgasvrije wijken, woningen en gebouwen past bij de kabinetsplannen voor het halen van de CO2-doelstellingen: voor eind 2021 zijn 30.000 tot 50.000 bestaande woningen per jaar aardgasvrij.

Dit is een eerste stap op weg naar een verduurzaming van 200.000 huizen per jaar, het vereiste tempo om in de 30 jaar tot 2050 de hele woningvoorraad in Nederland te verduurzamen.

Projectidee vooraf toetsen

Wie van plan is subsidie aan te vragen, kan zijn projectidee vooraf laten toetsen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en het TKI Urban Energy, via het online projectideeformulier. Tot 3 weken voor sluiting van de regeling kunt u zo tijdig een gepast advies krijgen.

 Topsector Energie

Het totale budget van de Topsector Energie is 152,5 miljoen euro voor energie-innovatieprojecten. Deze projecten zijnbedoeld voor schone en efficiënt opgewekte energie die Nederland economisch sterker maakt. Ook gaat het over energiebesparing en slimme inpassing.

Statoil heeft een bod uitgebracht op de offshore wind tender Hollandse Kust Zuid gebied I & II, een project van maximaal 760 megawatt in het Nederlandse deel van de Noordzee. Dit is de eerste subsidieloze aanbesteding voor offshore windprojecten in de wereld.

Na Vattenfall en Innogy, meldde ook het Noorse energiebedrijf Statoil zich bij RVO voor de subsidieloze aanbesteding van het offshore windpark Hollandse Kust Zuid, gebied I & II. De tender is nu gesloten en RVO zal zich de komende maanden buigen over de inzendingen. Uiteindelijk zal het park in 2022 zo’n één miljoen huishoudens van energie moeten voorzien.

Irene Rummelhoff, Executive Vice President voor New Energy Solutions bij Statoil: ‘Nederland heeft ambitieuze klimaatdoelen gesteld en we willen graag een bijdrage leveren aan deze ontwikkeling met hernieuwbare en koolstofarme energieoplossingen. Statoil is al jarenlang een van de belangrijkste energieleveranciers van Nederland en we willen dit blijven doen.’

Statoil wil een sleutelrol spelen in de overgang naar een koolstofarme wereld en het bedrijf zal de komende jaren dan ook tien miljard euro investeren in hernieuwbare en koolstofarme projecten.

De kostprijs voor wind op zee is de afgelopen jaren, mede door de Nederlandse aanpak, spectaculair gedaald. In overleg met marktpartijen is daarom besloten voor de kavels I en II van Hollandse Kust (zuid) een procedure zonder subsidie open te stellen.

De komende jaren gebruiken huishoudens en bedrijven steeds meer duurzaam opgewekte energie. In 2023 zal het aandeel hernieuwbare energie ten opzichte van de start van het Energieakkoord in 2013 meer dan verdrievoudigd zijn tot 17,3 procent. Dit is ruim boven de doelstelling van zestien procent die de 47 partijen in het akkoord hebben afgesproken om de transitie van fossiele naar duurzame energie te maken. Dat blijkt uit de Nationale Energieverkenning 2017 (NEV) die de minister van Economische Zaken mede namens de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu stuurde.

De NEV 2017 geeft inzicht in de voortgang van de doelen zoals deze zijn overeengekomen in het Energieakkoord. De NEV is opgesteld door het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN), het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) met medewerking van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Minister Kamp van Economische Zaken: ‘De ingezette energietransitie zorgt volgens de NEV voor resultaat. Het aandeel hernieuwbare energie groeit van 17,3 procent in 2023 naar bijna 24 procent in 2030, terwijl vorig jaar 20 procent werd verwacht. Het aandeel hernieuwbare elektriciteit zal in 2023 oplopen tot 44 procent. Deze versnelling is vooral te danken aan de succesvolle uitrol van windenergie op zee. Daarnaast is het jaarlijkse tempo van de energiebesparing (1,7 procent) deze eeuw nog niet zo hoog geweest. Genomen maatregelen in de afgelopen kabinetsperiode zorgen dat het energieverbruik en de CO2-uitstoot afnemen, terwijl gelijktijdig de economie stevig kan blijven groeien. Met de ingezette maatregelen is het fundament gelegd om de klimaatdoelen van Parijs te halen.’

Extra inspanningen

Aanvullende maatregelen die het kabinet eerder dit jaar heeft aangekondigd, staan nog niet in de NEV 2017. Door deze extra acties komt ook de doelstelling van veertien procent hernieuwbare energie in 2020 in zicht. Volgens de NEV 2017 is de verwachte vertraging bij het realiseren van de windenergie op land-projecten de voornaamste reden dat die doelstelling nog niet wordt gehaald. Dit bleek al uit de eerder verschenen Monitor Wind op Land 2016.

Voor minister Kamp van Economische Zaken was dat aanleiding om met de provincies en gemeenten aanvullende acties af te spreken, om het realiseren van concrete projecten verder te ondersteunen. Ook provincies en gemeenten zelf hebben aangegeven dat zij de doelstelling van 6000 Megawatt vanuit windenergie op land in 2020 moeten en kunnen realiseren. Daarnaast is in de NEV 2017 nog geen rekening gehouden met de effecten van de Green Deal Ultradiepe Geothermie die in juni dit jaar is ondertekend. Hiermee kan bijvoorbeeld de industrie duurzamer verwarmd worden.

In de NEV 2017 wordt het aandeel hernieuwbare energie met twee rekenmethodes bepaald: op basis van werkelijke productie en op basis van Europese rekenregels. De Europese rekenregels sluiten niet goed aan op de praktijk in Nederland, waardoor het aandeel hernieuwbare energie hiermee lager uitvalt (2020; 12,4 procent / 2023: 16,7 procent). Met de Europese Commissie zal over aanpassing van deze regels worden overlegd.

Kwart minder uitstoot broeikasgassen in 2020

De verwachte broeikasgasuitstoot in 2020 komt in de NEV 2017 overeen met de prognose uit de NEV 2016. Door het volledig realiseren van de doelstellingen uit het Energieakkoord wordt de vereiste 25 procent broeikasgasreductie ten opzichte van 1990 gerealiseerd, zoals in het Urgenda-vonnis werd gesteld.