Van Oord Archieven - Utilities

Jules Dock en ECE Offshore zijn de winnaars van de juryprijs resp. de publieksprijs van de Offshore Wind Innovators Award 2017. Deze award is op 6 december voor het eerst uitgereikt tijdens de Netherlands Offshore Wind Q-meeting die Siemens en Van Oord elk kwartaal organiseren.

De prijs is in het leven geroepen door Offshore Wind Innovators, een community die beoogt de zichtbaarheid van innovatieve ondernemers te vergroten. De Offshore Wind Innovation Award betekent een erkenning van de Nederlandse innovatiekracht binnen deze jonge en dynamische sector.

Een jury van deskundigen heeft de inzendingen beoordeeld op de mate van innovatie, de sociale en economische impact en ondernemerschap. De jury bestond uit Bert Stuij ( RVO Duurzaam & Klimaat subsidieprogramma’s), Ernst van Zuijlen (GROW) en Bart Blokhuis (PDENH).

De winnaar van de juryprijs is Jules Dock met de lichtgewicht Composite Tower. Naar de mening van de jury raakt het innovatieve concept een essentiële snaar in het streven naar kostenverlaging. Wat de jury vooral aanspreekt is dat dit een out-of-the-box innovatie betreft die in potentie een positieve invloed heeft op alle fases – van bouw tot installatie –  van offshore windparken. Dat er reeds schaaltesten zijn uitgevoerd met goede kennispartners, verhoogt de (technische) geloofwaardigheid.

Na de pitch van de drie finalisten, heeft de zaal met zo’n 130 vertegenwoordigers uit de offshore windindustrie gestemd voor de publieksprijs. De winnaar van de publieksprijs is ECE Offshore. Volgens de jury laat ECE Offshore zien dat het OASYS systeem werkelijk marktpotentieel heeft aangezien het reeds operationeel is. De innovatie toont maatschappelijk relevantie aan doordat het systeem directe bijdraagt aan de kostenbesparing.

De winnaars krijgen een mentorschap van een industriële partij en een resultaatgerichte workshop ‘The next business challenge’ aangeboden. Ook zullen de genomineerden als spreker optreden tijdens het Offshore Seminar op 15 februari 2018.

De drie finalisten waren:

ECE Offshore: OASYS – akoestisch offshore systeem

OASYS Cable is een kabel monitoring systeem dat op het kabellegschip bevestigd wordt. Het detecteert real-time de kabelgeometrie en kabelintegriteit. Bovendien kan de landingsplek van de kabel worden vergeleken met de geplande positie.

Next Ocean: Wave Predictor

De Wave Predictor voorspelt wanneer en waar hoge golven voorkomen. Dit stelt offshore-operators in staat om een optimale periode te kiezen om werkzaamheden uit te voeren in plaats van te wachten op betere omstandigheden of te hopen op het beste.

Jules Dock: lichtgewicht composiet masten

Composiet masten voor de offshore windindustrie bieden een lichtgewicht oplossing voor grote en zware constructies. In een 10 MW windturbine is 240 ton staal niet meer nodig.

In het Energieakkoord is overeengekomen dat vanaf 2026 geen subsidies meer zullen worden verstrekt voor de aanleg van windparken. De trenddaling van de aanbesteding van Borssele 1 en 2 van respectievelijk DONG en Shell belooft een versnelling van die subsidiegrens. In Duitsland is inmiddels al een windpark aanbesteed met een invoedingstarief van 0 cent. Wellicht biedt deze ontwikkeling ook mogelijkheden voor de Nederlandse windparken.

Tekst: Sophie Dingenen, Margot Besseling en Sharon van de Kerkhof Bird&Bird LLP

Hoewel de geschiedenis met betrekking tot tenders voor windparken maar een korte tijdspanne omvat, hebben zich al opzienbarende ontwikkelingen voorgedaan. In 2015 is de eerste SDE-tender van het Borssele windpark, goed voor een opbrengst van zevenhonderd megawatt, toegewezen aan het Deense bedrijf DONG Energy. De bouw en exploitatie van de derde en vierde kavel van het Borssele windpark zijn toegewezen aan een consortium van Shell, Van Oord, Eneco en Mitsubishi/DGE.

Waar de winnaars van de eerste tenders de subsidietoekenning en windvergunning nog met een subsidieprijs van 72,70 euro per megawattuur in de wacht sleepten, is de laatste tender door het consortium gewonnen met een prijs van 54,50 euro per megawattuur. Een verdere verlaging van de prijs werd tot voor kort voor onmogelijk gehouden.

Duitse subsidie op 0 cent

In Duitsland is het ENBW echter gelukt een tender te winnen op basis van een invoedingstarief van 0 cent per kilowattuur. ENBW zal aldus een gedeelte van het He Dreiht windpark, dat in totaal 1.490 megawatt omvat, bouwen en exploiteren zonder subsidieondersteuning van de Duitse staat. Hierbij verdient wel opmerking dat de Duitse tenderprocedure op andere wijze is ingericht dan de Nederlandse procedure.

Vele deskundigen hebben zich gebogen over de vraag hoe het mogelijk is een windpark te bouwen zonder subsidie. Een belangrijk aspect is dat het windpark pas over acht jaar zal worden gebouwd, waardoor ENBW naar eigen zeggen rekening kon houden met toekomstige technologische ontwikkelingen en verdere kostprijsdalingen. Bovendien heeft ENBW reeds twee windparken in bezit welke dichtbij het nog te ontwikkelen windpark He Dreiht gelegen zijn, waardoor ENBW schaalvoordelen geniet ten opzichte van concurrerende marktpartijen. Een lage rente, de daling van staalprijzen en de grote omvang van het door ENBW te bouwen en te exploiteren windpark (900 MW) worden verder nog van belang geacht.

Toekomst

In het Energieakkoord is overeengekomen dat vanaf 2026 geen subsidies meer zullen worden verstrekt voor de aanleg van windparken. Naar aanleiding van de ontwikkelingen in Duitsland lijkt de periode van een subsidievrije aanleg van windparken echter eerder aan te breken. Hoewel het te vroeg is om te concluderen dat een invoedingstarief van 0 cent ook in Nederland spoedig zal worden bereikt, gezien het verschil in toepassing van de tenderprocedures, bieden de omvang van de nog te tenderen windparken in Borssele en Hollandse Kust Zuid Holland (allen zevenhonderd megawatt) en lage rentes een goede bodem om windparken goedkoper dan ooit te kunnen bouwen en exploiteren in Nederland.

Het tweede windpark Borssele kan naar verwachting met slechts 0,3 miljard euro subsidie worden aangelegd en geëxploiteerd. Er was gerekend op een bedrag van 5 miljard euro. Het windpark op zee zal worden aangelegd door een consortium van Shell, Van Oord, Eneco en Mitsubishi/DGE.

Met het tweede windpark Borssele wordt nog meer subsidie bespaard dan bij het eerste windpark Borssele, dat op dat moment al het goedkoopste nog aan te leggen windpark op zee ter wereld was. Bovendien zal bij de huidige prognose van de elektriciteitsprijs het tweede windpark Borssele na 7,5 jaar geen subsidie meer nodig hebben.

In totaal zijn 26 biedingen ontvangen van 7 partijen/consortia. Het maximum aan te vragen bedrag voor deze tender bedroeg 11,975 cent per kilowattuur. Dit bedrag is exclusief de kosten voor aansluiting van de windparken op het elektriciteitsnet. Het nu winnende consortium vraagt 5,45 cent per kilowattuur. Ter vergelijking: Bij de vorige tender, een half jaar geleden, won Dong Energy uit Denemarken nog met een prijs van 7,27 cent per kilowattuur.

Minister Kamp: “Als de ontwikkeling van de elektriciteitsprijs doorzet zoals verwacht, hebben we over 7,5 jaar  na aanleg helemaal geen subsidie meer nodig voor stroomopwekking door wind op zee. Het doel van het kabinet om de prijs van duurzame energie te laten concurreren met die van fossiele energie komt hiermee in zicht. Nederland is koploper op het gebied van de ontwikkeling van windenergie op zee, dit brengt volop kansen voor het Nederlandse bedrijfsleven met zich mee. Met deze winnaars wordt dat nog duidelijker zichtbaar”.

Energietransitie biedt economische kansen

Het kabinet is bezig met de realisatie van vijf windparken op zee die behoren tot de grootste ter wereld waarbij stapsgewijs grote kostenreducties worden bereikt. Dat is behalve goed voor de transitie naar duurzame energie, ook goed voor de energierekening van burgers en bedrijven en goed voor de Nederlandse economie. De bouw van de windparken geeft een flinke impuls aan de industrie. ‘Wij gaan ervan uit dat in 2020 in Nederland zo’n 10.000 mensen werk hebben door deze projecten. Nederlandse bedrijven zijn betrokken bij vrijwel alle andere windenergieprojecten op zee in Europa. Het kabinet heeft vorige week de Energieagenda gepresenteerd waarin de route is beschreven naar een CO2-arme energievoorziening. Met de resultaten van deze tenders wordt aangetoond dat de energietransitie economische kansen biedt’, aldus minister Kamp.

Deze nieuwe aanbesteding betreft het tweede van in totaal vijf grootste windparken die behoren tot de grootste ter wereld en in 2023 in bedrijf moeten zijn. Elk windpark heeft een capaciteit van 700 megawatt, dat is per park voldoende om een miljoen huishoudens van elektriciteit te voorzien. De windparken Borssele worden gebouwd op 22 kilometer voor de Zeeuwse kust.

Overheid regelt alle voorwaarden

De overheid levert alles wat een bedrijf nodig heeft om de windparken tegen lage kosten aan te kunnen leggen: gunstige locaties, gedetailleerde bodem-, water- en windgegevens, vergunningen en de aansluiting op het elektriciteitsnet. Het bedrijf dat het windpark het goedkoopste kan bouwen krijgt tegelijkertijd de subsidie én de vergunning om het windpark te mogen bouwen. Het heldere overheidsbeleid zorgt voor perspectief en vertrouwen bij de windenergiesector, waardoor de kosten verder omlaag kunnen. Dat vertrouwen heeft het kabinet ook willen vergroten met een lange-termijn perspectief voor windenergie op zee in de Energieagenda die het vorige week heeft uitgebracht.