VEMW in Taskforce Infrastructuur Klimaatakkoord Industrie - Utilities
nieuws

VEMW in Taskforce Infrastructuur Klimaatakkoord Industrie

Publicatie

15 okt 2019

Categorie

Utilities

Soort

nieuws

Tags

VEMW

Minister Wiebes (EZK) stelde een Taskforce Infrastructuur Klimaatakkoord Industrie in. Dit college adviseert de minister over een doeltreffende, doelmatige en tijdige invulling van de infrastructuur die nodig is voor de transitie van de industrie. Algemeen directeur van VEMW Hans Grünfeld neemt namens de industrie deel in het taskforce.

De Taskforce Infrastructuur Klimaatakkoord Industrie adviseert de minister over de behoefte aan extra infrastructuur en de voorwaarden voor realisatie daarvan. Dit om de industrie in de gelegenheid te stellen haar CO2-uitstoot drastisch te verminderen en de bepalingen uit het Klimaatakkoord uit te kunnen voeren.

Zo moeten elektriciteitsnetten worden verzwaard zodat de industrie een deel van haar energiebehoefte (warmte) kan elektrificeren. De gasinfrastructuur die nu nog wordt gedomineerd door aardgas moet geschikt worden gemaakt voor het transport van groen gas en waterstof. Er moeten nieuwe warmtenetten komen om restwarmte uit de industrie en afvalverbranding te kunnen uitkoppelen met de gebouwde omgeving. Ook is een infrastructuur nodig om CO2 te kunnen afvangen, transporteren en opslaan (CCS), dan wel her te gebruiken als koolstofbron voor producten (CCU).

Adviescollege

Het adviescollege dat minister Wiebes instelde, staat onder voorzitterschap van Caroline Gehrels van adviesbureau Arcadis en kent twee leden: Marc van der Linden van Stedin en Netbeheer Nederland en Hans Grünfeld van VEMW.

Algemeen directeur Hans Grünfeld van VEMW: ‘Het tijdig hebben van een adequate infrastructuur is een absolute noodzaak om te kunnen verduurzamen op een doelmatige manier. Een goede infrastructuur koppelt het sterk veranderende aanbod en de vraag van energie aan elkaar en stelt bedrijven in staat CO2 af te vangen en op te slaan of her te gebruiken. Met het instellen van de taskforce wordt het belang hiervan erkend en serieus opgepakt.’